Goede Voorbeelden palliatieve zorg: kennismarkt

Palliatieve zorg wordt verleend in alle zorgsettings en daarbij bent u als zorgverlener een belangrijke schakel. U bent ervoor om kwalitatief goede zorg te geven die is afgestemd op de zorgbehoefte van de individuele patiënt en naasten. Door de complexiteit van de zorgsituaties staat u soms voor vragen of dilemma’s.

Bent u als zorgverlener actief betrokken bij de patiënt in de palliatieve fase? Op zoek naar informatie, hulpmiddelen en richtlijnen om goede palliatieve zorg te verlenen? Kunt u wel steun hierbij gebruiken? Nieuwsgierig naar mogelijkheden om de palliatieve zorg binnen uw eigen werkomgeving te verbeteren? Behoefte aan uitwisseling van ervaringen met andere collega’s?

Kom dan naar de kennismarkt Goede Voorbeelden palliatieve zorg. Maak kennis met de door ZonMw geselecteerde Goede Voorbeelden palliatieve zorg. Ervaar zelf hoe deze Goede Voorbeelden u bij uw werkzaamheden kunnen ondersteunen.

De kennismarkt start met een inspirerende presentatie: hoe krijg je veranderingen in de

dagelijkse praktijk voor elkaar? Daarna verdiept u zich in deelsessies naar keuze in de toepassing en meerwaarde van Goede Voorbeelden.

Op de informatiemarkt voorafgaande en halverwege het programma vindt u aanvullende kennis op het gebied van palliatieve zorg.

Doelgroep
Huisartsen, specialisten ouderengeneeskunde, verpleegkundigen, verzorgenden. Voor een evenredige verdeling van de deelnemers is er een maximum aantal per doelgroep vastgesteld. Bij overschrijding van dit aantal, plaatsen we u op de wachtlijst.


Het project Kennisverspreiding Goede Voorbeelden is onderdeel van het ZonMw Verbeterprogramma Palliatieve Zorg. Alle Goede Voorbeelden vindt u op www.goedevoorbeeldenpalliatievezorg.nl.

15.45 uur Ontvangst met koffie/thee en informatiemarkt

16.15 uur Opening Annemarie Stoffer, adviseur netwerken IKNL

16.20 uur Veranderen is hartstikke LEUK, toch? Welke tips en trucs zijn er om verandering in de eigen werkomgeving voor elkaar te krijgen? Bert Buizert, veranderaar en directeur Bird’s Sense

16.50 uur Wisseltijd

17.00 uur Deelsessies: Goede Voorbeelden palliatieve zorg (ronde 1)

1. Mantelzorgondersteuning Ans Verdonschot, projectmedewerker IKNL
2. Sterven op je eigen manier Bert Buizert, trainer STEM
3. Signalering in de palliatieve fase Karin Willemse, specialistisch wijkverpleegkundige Evean, consulent palliatieve zorg IKNL
4. Besluitvorming in de palliatieve fase Marijanne van der Schalk, specialist ouderengeneeskunde RK zorgcentrum St. Jacob, consulent palliatieve zorg IKNL en Metta Bunk, specialistisch verpleegkundige MTH-team Zorggroep Oude en Nieuwe Land, consulent palliatieve zorg IKNL
5. Zorgpad Stervensfase Jacqueline Tijhaar, coach en trainer Tijhaarcoaching
6. Palliatieve thuiszorg (Patz-groep) Muriel Houthuijse, verpleegkundige Buurtzorg Nederland
7. Multidisciplinaire samenwerkingsafspraken palliatieve sedatie 1e lijn Imke Lampe, verpleegkundige Buurtzorg Nederland, consulent palliatieve zorg IKNL en Anneke Dekkers, adviseur productontwikkeling IKNL
8. Proactieve zorgplanning (onder voorbehoud)

18.00 uur Pauze met broodjes en informatiemarkt

18.30 uur Deelsessies: Goede Voorbeelden palliatieve zorg (ronde 2)

19.30 uur Afsluitende borrel

1.            Mantelzorgondersteuning, 

Ans Verdonschot, projectleider Mantelzorg IKNL


Kernwoorden
: mantelzorgondersteuning, risico-inventarisatie overbelasting mantelzorger
Doelgroep; huisarts, specialist ouderengeneeskunde, verpleegkundige en verzorgende


Mantelzorg in de palliatief terminale fase onderscheidt zich van mantelzorg eerder in de levensloop. Belangrijke verschillen liggen in de confrontatie met doodgaan, met medische beslissingen rond het levenseinde, met afscheid nemen en de daarmee gepaard gaande gevoelens van angst, onzekerheid en opluchting.  De belasting van mantelzorgers in de palliatieve zorg thuis is groot. Van alle transities vindt 39% plaats in de laatste week voor het overlijden. De zware druk op de schouders van de mantelzorgers is een belangrijke oorzaak van (ziekenhuis)opname.

De aandacht voor deze overbelasting is in de zorg nog geen vanzelfsprekendheid. Het ontbreekt zorgverleners in de palliatieve zorg thuis vaak aan inzicht in de belasting van mantelzorgers. Daarbij missen zij de vaardigheden om hierover met mantelzorgers in gesprek te gaan. Het formulier ‘Mantelzorgondersteuning’ kan een hulpmiddel zijn en ondersteuning bieden. 


2.            Sterven op je eigen manier,
 

Bert Buizert, trainer Sterven op je eigen manier (STEM)


Kernwoorden
: bewustwording, persoonlijke ideeën over sterven,  zorg op maat
Doelgroep: huisarts, specialist ouderengeneeskunde, verpleegkundige en verzorgende


Sterven is nog altijd een onderwerp waarover we zo min mogelijk of op een wat onhandige, manier praten (TNS NIPO, 2008).  Als zorgverlener ondervind je daarbij soms ook een vorm van ‘communicatieverlegenheid’ of gedrag op de ‘automatische piloot’; dat wil zeggen een aangeleerde benaderwijze zonder ‘aanzien des persoon’.

De STEM-inspiratiecyclus is een traject voor deskundigheidsbevordering en bewustwording voor zorgprofessionals en leidinggevenden in de palliatieve zorg. Hierin leert de zorgverlener om met inzet van de eigen normen en waarden patiënten  te ondersteunen bij het vinden en volgen van het laatste levenspad.  De STEM-inspiratiecyclus doorbreekt  patronen door:  een  eye-opener te zijn voor deelnemers wanner zij ervaren hoe divers de houding tegenover sterven kan zijn. En door in teamverband benaderingen te leren die meteen de volgende dag praktisch, concreet en met snel effect toepasbaar zijn.  Benieuw naar uw eigen manier van denken over sterven?


3.            Signalering in de palliatieve fase,
 

Karin Willemse, specialistisch wijkverpleegkundige Evean, consulent palliatieve zorg IKNL


Kernwoorden
;  herkennen van symptomen, in kaart brengen van symptomen,  interdisciplinair overleg met verpleegkundige en arts, behandel – en zorgplan
Doelgroep: verzorgenden en verpleegkundigen 


Verzorgenden signaleren vaak als eerste een verandering in  conditie, ADL of gedrag bij
zorgvragers en hebben daarom een heel belangrijke rol in de zorg! Goed signaleren draagt in belangrijke mate bij aan goede palliatieve zorg. Maar het is vaak gemakkelijker gezegd dan gedaan. Een steuntje in de rug daarbij kan helpen; de denk- en werkmethode ‘Signalering in de palliatieve fase’ geeft  die.  De set bestaat uit een:

  • Map met een stappenplan en signaleringskaarten van de negen meest voorkomende symptomen tijdens de palliatieve fase
  • Map met algemene informatie (palliatieve zorg, zorg in de stervensfase , dementie) en achtergrondinformatie over negen zorgproblemen
  • Scheurblok met werkbladen
  • Instructiekaart ‘Aan de slag’

De methode wordt gebruikt door verzorgenden in verpleeg-en verzorgingshuizen, de thuiszorg en hospices;  in de directe zorg aan zorgvragers en ter voorbereiding van interdisciplinair overleg.  


4.            Besluitvorming in de palliatieve fase

Marijanne van der Schalk, specialist ouderengeneeskunde RK zorgcentrum St. Jacob, consulent palliatieve zorg IKNL
Metta Bunk, specialistisch verpleegkundige MTH-team Zorggroep Oude en Nieuw Land, consulent palliatieve zorg IKNL


Kernwoorden
: besluitvorming, klinisch redeneren, symptoommanagement
Doelgroep: huisartsen, specialist ouderengeneeskunde, verpleegkundigen


De set ‘Besluitvorming in de palliatieve fase’ helpt bij adequaat kunnen reageren op problemen die zich voordoen en daarbij rekening houden met de prioriteiten en wensen van de patiënt (symptoommanagement). De set bestaat uit de zogenaamde beslisschijf en elf samenvattingskaarten van de meest voorkomende symptomen. De materialen zijn gebaseerd op de richtlijnen palliatieve zorg. Als zorgverlener analyseer je zo doelgericht, hebt oog voor alle dimensies en anticipeert tijdig op veranderingen. Bij de keuze van diagnostiek en behandeling wordt nadrukkelijk rekening gehouden met de wensen van de patiënt én diens levensverwachting.

Door te werken volgens de methode ‘besluitvorming in de palliatieve fase’ en door gebruik te maken van de beschikbare instrumenten draagt u als zorgverlener bij aan de gezamenlijke besluitvorming in het multidisciplinair overleg (MDO).  Een multidisciplinaire insteek is van groot belang bij toepassing van de methode, zowel in 1e als in 2e lijn.


5.            Zorgpad stervensfase 

Jacqueline Tijhaar,  coach, trainer Tijhaarcoaching 


Kernwaarden: multidisciplinair dossier
Doelgroep: huisarts, specialist ouderengeneeskunde, verpleegkundige en verzorgende


Het Zorgpad Stervensfase is een zorgdossier, checklist en een evaluatie-instrument in 1 voor het leveren van goede palliatieve zorg in de laatste dagen van het leven.  Het is een  hulpmiddel om de kwaliteit van zorg, de samenwerking tussen hulpverleners en de communicatie met de patiënt en de naaste(n) te waarborgen.
In de laatste dagen komen alle dimensies van palliatieve zorg intensief samen. Ook in deze allerlaatste levensfase gaat het niet alleen om verlichten van fysieke symptomen; er is tevens aandacht voor vragen op psychisch, sociaal en existentieel gebied. Voor naasten is het belangrijk dat ze weten wat ze kunnen verwachten zowel voor als na het overlijden. Goed verloop van het sterfbed van een dierbare zal hen helpen in de verwerking van het verlies in de periode erna. Voor zorgverleners is het in deze fase niet altijd eenvoudig om de zorg op het juiste moment en op de juiste manier te verlenen en ook onderling goed af te stemmen. Het Zorgpad Stervensfase is hierbij een waardevol hulpmiddel. Het is bruikbaar in elke setting waar zorg voor stervenden aan de orde is: ziekenhuizen, verpleeg- en verzorgingshuizen, hospices en in de 1e lijn. De zorg is omschreven in de vorm van doelen.


6.            Palliatieve thuiszorg (Patz-groep)

Muriel Houthuijse  verpleegkundige Buurtzorg Nederland


Kernwoorden
; coördinatie van zorg, deskundige palliatieve thuiszorg, samenwerking huisarts en verpleegkunde 1
e lijn, proactief handelen 
Doelgroep; huisarts, verpleegkundige 1e lijn


PaTz, de afkorting voor Palliatieve Thuiszorg, is een methodiek om de kwaliteit, samenwerking en overdracht rond de palliatieve zorg thuis te verbeteren. Huisartsen en wijkverpleegkundigen komen elke twee maanden bij elkaar om cliënten in de palliatieve fase in kaart te brengen,
te bespreken en op te nemen in een palliatief zorgregister. Samen stellen ze een zorgplan op waarbij de wensen van de patiënt en zijn omgeving centraal staan.

De Patz-groep heeft tot doel:
-
Betere samenwerking tussen huisarts en wijkverpleegkundige in de palliatieve thuiszorg.
-
Tijdige identificatie van patiënten die palliatieve zorg nodig hebben en opname in een palliatief zorgregister.
-
Het maken en uitvoeren van een op de behoeften van de patiënt gebaseerd zorgplan.

Praktisch betekent deze manier van werken dat alle gegevens van de patiënten in een Excelsheet staan dat besproken wordt in de PaTz-groep. Deze manier van werken zorgt ervoor dat patiënten die palliatieve zorg krijgen altijd snel en goed kunnen worden geholpen. En het voorkomt problemen in de overdracht. Het overleg tussen huisarts en wijkverpleging wordt ondersteund door een consulent palliatieve zorg.


7.            Multidisciplinaire samenwerkingsafspraken palliatieve sedatie 1elijn

Imke Lampe, verpleegkundige Buurtzorg Nederland
Anneke dekkers, adviseur productontwikkeling IKNL


Kernwoorden:
  palliatieve sedatie, (contra)indicaties, samenwerkingsafspraken eerste lijn palliatieve zorg (LESA)
Doelgroep: huisartsen en verpleegkundigen ( 1e lijn) 


Ook bij palliatieve zorg komen situaties voor waarin symptoombestrijding onvoldoende succes heeft. Het gevolg hiervan kan zijn dat de patiënt ernstig lijdt. Een sterfbed  dat op deze manier verloopt is voor ieder die daarbij betrokken is een zeer ingrijpende ervaring. Als sprake is van ondraaglijk lijden in de stervensfase kan palliatieve sedatie worden overwogen.
Palliatieve sedatie heeft als doel om anderszins onbehandelbaar lijden te verlichten door middel van het verlagen van het bewustzijn. Dit lijden komt voort uit refractaire klachten en symptomen die kunnen bestaan uit verschillende (gecombineerde) dimensies: lichamelijk, psychisch, sociaal en existentieel. De meest genoemde redenen voor continu en diep sederen tot het moment van overlijden in Nederland zijn: verlichten van pijn, onrust, kortademigheid en angst.

In Nederland wordt in bijna 10% van alle sterfgevallen voorafgaand aan het overlijden continu en diep gesedeerd. In 35% van de gevallen vindt dit plaats in de huisartspraktijk. In bijna de helft van de gevallen (47%) gaat het om patiënten met kanker. Goede samenwerking tussen betrokken zorgverleners draagt in belangrijke mate bij aan een goed verloop van palliatieve sedatie. De Landelijke Eerstelijns Samenwerkings-afspraak Palliatieve zorg (LESA) geeft richting aan deze samenwerking.
 
 

8. Pro-actieve zorgplanning
(onder voorbehoud)


Kernwoorden: proactief handelen, markeren palliatieve fase, chronisch zieken
Doelgroep; huisartsen en specialiste ouderengeneeskunde


De zorg voor patiënten met een beperkte levensverwachting, als gevolg  van ongeneeslijke kanker of vergevorderde stadia van chronische aandoeningen, wordt steeds belangrijker. Omdat de meeste palliatieve patiënten, ook als ze onder behandeling zijn van een specialist, thuis zijn en liefst ook thuis willen sterven, is de huisarts de aangewezen persoon om het zorgtraject in samenspraak met patiënt en specialist te coördineren. Met behulp van de indicatorkaart kan de arts palliatieve patiënten sneller identificeren. Waarna gewerkt kan worden aan een pro-actief zorgplan. Hierdoor kunnen alle relevante lichamelijke, psychosociale en existentiële problemen besproken worden en tijdig geanticipeerd.
Door proactieve beleid gaat het psychisch welbevinden van patiënten en mantelzorg toenemen. Ook de tevredenheid met de zorg neemt toe. Aan zorgverlenerszijde neemt de tevredenheid toe van de huisarts met de door hemzelf geleverde zorg. De waarnemende huisartsen op de dokterspost krijgen tot hun eigen tevredenheid meer informatie over de palliatieve patiënten en ook de informatievoorziening richting overige zorgverleners (zoals de thuiszorg) verbetert.

Datum:
Donderdag 17 april 2014
15.45 - 19.30 uur

Locatie:
De Kunstgreep, Oostzaan

Er zijn geen kosten verbonden aan deelname.

Accreditatie
Is aangevraagd bij het Kwaliteitsregister V&V
Sylvia Blommestein, secretaresse IKNL
e. s.blommestein@iknl.nl
t. 020 – 3462530 

volg ons: