Grote variatie tussen ziekenhuizen in aandeel patiënten stadium IV longkanker

13-11-2018

Het aandeel patiënten met longkanker met afstandsmetastasen verschilt sterk tussen algemene ziekenhuizen in Nederland. Waar in het ene ziekenhuis tot wel 62% van de patiënten wordt gediagnosticeerd met stadium IV longkanker; is dit in een ander ziekenhuis ‘slechts’ 39%. Het stadium van de ziekte is bepalend voor de behandeling en prognose van deze patiënten. Een jaar na diagnose is nog maar 22% van de patiënten met stadium IV longkanker nog in leven en na vijf jaar is dat gedaald naar 3%. Dat blijkt uit cijfers van de Nederlandse Kankerregistratie (NKR), waarin alle patiënten zijn opgenomen die in ons land zijn gediagnosticeerd met kanker.

De symptomen van longkanker zijn bij veel patiënten aspecifiek of vergelijkbaar met symptomen die ook bij patiënten met COPD voorkomen. Denk aan hoesten en benauwdheid. Dit patroon aan symptomen leidt er toe dat bij ongeveer de helft van de patiënten op het moment dat de diagnose ‘longkanker’ wordt gesteld al uitzaaiingen aanwezig zijn in andere organen. Het aandeel patiënten met uitzaaiingen (stadium IV) verschilt echter per ziekenhuis, variërend van 39% tot 62% (zie grafiek). In academische centra liggen deze percentages veelal lager.

IKNL_longkanker_stadium_IV_regionale_variatie_2_titel

Oorzaken regionale variatie

Deze regionale verschillen kunnen ontstaan door diverse factoren. Een daarvan is de aanwezigheid van andere ziekten (comorbiditeiten). Driekwart van de patiënten met longkanker heeft te maken met comorbiditeiten, vooral hart- en vaatziekten, hypertensie en andere longziekten. De aanwezigheid van comorbiditeiten die aan roken zijn gerelateerd, kunnen het stellen van de diagnose bemoeilijken, omdat deze symptomen dus vaak aspecifiek zijn. Daar staat tegenover dat deze patiënten vanwege hun ziekte vaak al bekend zijn bij de longarts, waardoor de longtumor mogelijk eerder kan worden opgespoord.

Anderzijds kunnen ook de sociaaleconomische status en gezondheidsvaardigheden van patiënten een rol spelen bij het ontstaan van longkanker. Onder gezondheidsvaardigheden wordt verstaan de combinatie van vaardigheden die mensen nodig hebben om informatie over gezondheid en ziekte te kunnen vinden, te begrijpen en toe te passen. Mogelijk herkennen patiënten met een lage(re) sociaaleconomische status en/of beperktere gezondheidsvaardigheden de symptomen minder goed en is de drempel om naar hun huisarts te gaan hoger.

Overlevingskansen

Het stadium van de ziekte bepaalt de behandelmogelijkheid en uiteindelijk ook de overlevingskansen van deze patiënten. Helaas overleeft slechts 1 op de 5 longkankerpatiënten met stadium IV het eerste jaar na diagnose. Door de recente ontwikkeling van nieuwe therapieën en combinaties van behandelingen is de verwachting dat de overlevingskansen van deze patiënten in de toekomst wel kan verbeteren.

Een voorbeeld van een recente ontwikkeling is de introductie van doelgerichte therapie voor patiënten met een specifieke mutatie. Meer recent werd ook immunotherapie geïntroduceerd bij patiënten met longkanker, met veelbelovende resultaten in specifieke groepen. Momenteel worden de effecten in combinatie met andere therapieën onderzocht, zoals chemotherapie en chirurgie, ook bij patiënten met lagere tumorstadia.

Verkorten tijd

Longkanker Nederland richt zich op het verkorten van de tijd tussen de eerste signalen die duiden op longkanker en diagnose en behandeling door betere voorlichting aan rokers, vooral aan laaggeletterden en mensen met een lage sociaaleconomische status.

  • Meer informatie over onderzoek naar longkanker is verkrijgbaar bij IKNL-onderzoeker Mieke Aarts.

volg ons: