multidisciplinair overleg (mdo)

Bij de zorg voor oncologische patiënten zijn altijd meerdere professionals betrokken. Om de diagnostiek en behandeling af te stemmen, worden patiënten met een oncologische aandoening besproken in een multidisciplinair overleg (mdo), al dan niet in aanwezigheid van een consulent. Steeds vaker leveren verschillende ziekenhuizen samen de oncologische behandeling van één patiënt. Om die reden bestaan er naast mdo’s in het ziekenhuis ook regionale mdo’s waar professionals van meerdere ziekenhuizen met elkaar samenwerken.

Organisatie mdo
Het bespreken van patiënten in een mdo wordt aanbevolen in oncologische richtlijnen, indicatorensets en normen. IKNL stelt in Kwaliteitscriteria multidisciplinair overleg (PDF), waar ook Soncos aan refereert, dat een mdo minimaal één keer per week plaatsvindt en dat 90% van alle patiënten daar besproken wordt. Ook staat in de Soncos-normen beschreven welke disciplines moeten deelnemen aan de bespreking van een patiënt met een specifieke tumorsoort. Het is nuttig voor ziekenhuizen om te evalueren of bestaande mdo’s voldoen aan deze kwaliteitsnormen.

Beroepsgeheim en privacy
Bij regionale mdo’s nemen artsen uit verschillende ziekenhuizen deel en wordt dus patiënteninformatie gedeeld. Hierdoor ontstaan vragen over het beroepsgeheim en het waarborgen van de privacy (dossier beroepsgeheim KNMG) van deze patiënten. Zorgverleners die rechtstreeks bij de directe behandeling en verpleging/verzorging van deze patiënten zijn betrokken, hoeven geen toestemming te vragen aan de individuele patiënt voor het delen van deze informatie. Wel geldt de eis dat alleen informatie verstrekt mag worden die noodzakelijk is om de vereiste taken uit te kunnen voeren (WGBO art. 7:457 lid 2). Een radioloog uit het andere ziekenhuis is dus rechtstreeks betrokken bij de behandeling van een patiënt als hij beelden opnieuw beoordeelt.

Mag een arts zijn patiënt bespreken in een regionaal mdo?
Zodra een arts een patiënt in een regionaal mdo bespreekt, dan doorbreekt hij zijn geheimhoudingsplicht. Dit mag dus alleen met toestemming vóóraf van de patiënt. Dat betekent dat patiënten op de hoogte gesteld moeten worden van het voornemen dat zij gesproken gaan worden in een mdo waar ook artsen uit andere ziekenhuizen bij aanwezig zijn. Indien patiënten heldere uitleg krijgen over het doel en belang van deze casusbespreking, dan geven zij hiervoor meestal toestemming.

Welke regels gelden er voor mdo-deelnemers die niet rechtstreeks bij de behandeling zijn betrokken?
Deelnemers die niet rechtstreeks betrokken zijn bij de behandeling van een patiënt vallen uit hoofde van hun functie eveneens onder de geheimhoudingsplicht. Het verdient daarom de voorkeur om mdo’s zodanig in te richten dat de kring van deelnemers beperkt blijft. Bijvoorbeeld door patiënten per tumorsoort en per ziekenhuis te bespreken met de juiste disciplines aan tafel. De kring van ‘rechtstreeks betrokkenen’ mag dus niet te ruim worden opgevat.

Wat biedt IKNL?
Uit onderzoek van IKNL blijkt dat het mogelijk is de kwaliteit van mdo’s aanzienlijk te verbeteren. Een betere organisatie van mdo’s zorgt ervoor dat de kennis van de aanwezige specialisten optimaal wordt benut. De verwachting is dat dit leidt tot nog betere zorg voor de patiënt. Het veranderen van een aantal organisatorische aspecten binnen een mdo levert vaak al een aanzienlijk verbetering op. De aanwezigheid van medisch specialisten met relevante, disciplinaire achtergrond weegt hierbij zwaar. Ook de rol van de voorzitter is belangrijk. Hij of zij bepaalt immers de efficiëntie binnen het mdo. Storende factoren, zoals het in- en uitlopen van deelnemers en het afgaan van telefoons en piepers, moeten zoveel mogelijk worden beperkt.

IKNL adviseert en ondersteunt zorgprofessionals bij het organiseren, opzetten en verbeteren van mdo’s. Samen met alle betrokken professionals worden knelpunten geïdentificeerd en een verbeter- of ontwikkelplan opgesteld. Ook kan IKNL ondersteuning bieden bij het toetsen van resultaten, voeren van een proefsessie binnen het mdo en advies uitbrengen over implementatie, evaluatie en borging. Het resultaat is een efficiënt en effectief (regionaal) mdo dat bijdraagt aan een doeltreffende en doelmatige behandeling.

Stappenplan
Om de organisatie van een mdo voor ziekenhuizen, radiotherapeutische centra, werkgroepen en netwerken te verbeteren, kunt u gebruik maken van onderstaand stappenplan.

  1. Inventariseer de aanleiding voor de verbetering.
  2. Wijs een trekker in het ziekenhuis aan.
  3. Stel het doel en de randvoorwaarden vast (welke bespreking, frequentie, patiëntencategorie, etc.).
  4. Stel vereiste disciplines, rolverdeling en overleglocatie vast.
  5. Vul technische randvoorwaarden in (videoconferencing, digitale beschikbaarheid beeldmateriaal, beschikbaarheid van patiëntgegevens, wijze van verslaglegging in het EPD, etc.)
  6. Plan tijdstip en duur van het mdo.
  7. Maak een draaiboek voor alle fases van het mdo (voorbereiding, tijdens en nazorg).
  8. Organiseer een proefbijeenkomst. 
  9. Start het nieuwe mdo en laat een IKNL-adviseur de sessie observeren.
  10. Borg de kwaliteit door een jaarlijkse (zelf)evaluatie.
Het stappenplan en de bijbehorende middelen zijn geschikt voor alle vormen van multidisciplinair overleg, met en zonder consulenten. IKNL heeft instrumenten beschikbaar voor het doorvoeren van eventuele verbeteringen.

Meer informatie
Voor meer informatie en ondersteunende tools voor het doorvoeren van het stappenplan, neem contact op met uw IKNL-adviseur.



Nieuwsbrieven
U kunt zich abonneren op de nieuwsbrieven van IKNL via onderstaande knop.

informatie
Vragen? Neem contact op met IKNL
t 088 234 60 00

volg ons: