Filters Filter Created with sketchtool.
  • Kankersoort
  • Stadium
  • Behandelsoort
  • Zorgfase
  • Pathologie
  • Epidemiologie
  • Onderzoeksdomein
  • Patiëntgroep

Nieuws

Selecteer een onderwerp in de filter, zoals een kankersoort, een behandelsoort of een onderzoeksdomein. 

Zes kuren R-CHOP lijken voldoende effectief bij DLBCL stadium II-IV

Zes kuren R-CHOP lijken even effectief als acht kuren R-CHOP bij patiënten met stadium II-IV diffuus grootcellig B-cel-lymfoom (DLBCL). Dat blijkt uit een population-based onderzoek van Djamila Issa (Amsterdam UMC, Jeroen Bosch Ziekenhuis) en collega’s. Chemo-immunotherapie met R-CHOP is al bijna twee decennia de standaard eerstelijnsbehandeling voor patiënten met een diffuus grootcellig B-cel-lymfoom. Tot nu toe was het echter nog steeds onduidelijk of patiënten in de leeftijd van 18 tot 64 jaar met stadium II-IV DLBCL konden worden behandeld met zes kuren R-CHOP in plaats van acht kuren, zonder dat het de overleving nadelig beïnvloedt.

lees verder

Overleving ouderen (85 jaar en ouder) na colorectale chirurgie beïnvloedbaar

Onder zeer oude patiënten (85 jaar en ouder) met colorectale kanker blijft het sterftecijfer hoog in het eerste jaar na de behandeling. Dat concluderen Amanda Bos (IKNL) en collega’s in een studie met gegevens van ruim 52.000 patiënten uit de Nederlandse Kankerregistratie (NKR) die tussen 2008 en 2013 zijn geopereerd. Hoewel de leeftijdsgebonden overlevingsverschillen verdwenen na correctie voor sterfte door andere oorzaken, zagen de onderzoekers gunstige trends in de tijd ten aanzien van de 1-jaarsmortaliteit na colorectale chirurgie. Deze bevinding onderstreept dat de overleving van ouderen na een ingrijpende operatie beïnvloedbaar is.

lees verder

ENSURE: studie naar kortere follow-up bij vroeg stadium baarmoederkanker

In samenwerking met 46 ziekenhuizen in Nederland verricht IKNL momenteel een klinische trial naar een aangepaste, lagere frequentie van de follow-up bij patiënten die eerder zijn behandeld vanwege een vroeg stadium van baarmoederkanker. Nicole Ezendam (IKNL) en collega’s verwachten dat patiënten in de interventiegroep (met een lagere frequentie van de follow-up) een vergelijkbare tevredenheid over de ontvangen nazorg en resultaten zullen hebben in combinatie met een lager zorggebruik en tegen minder kosten in vergelijking met de controlegroep.

lees verder

Effect bevolkingsonderzoek darmkanker: meer diagnoses in vroeg stadium

Ruim vier jaar geleden (2014) is in Nederland het bevolkingsonderzoek naar dikkedarmkanker van start gegaan. In de eerste jaren na introductie van dit screeningsprogramma is de incidentie van dikkedarmkanker duidelijk toegenomen, zo blijkt uit onderzoek van dr. Marloes Elferink (IKNL) en collega’s. Dit effect wordt veroorzaakt door eerdere detectie van dikkedarmkanker. De carcinomen die tijdens de screening zijn gevonden, hebben  een gunstigere (lagere) stadiumverdeling, waardoor deze patiënten vaker een minder invasieve behandeling krijgen. De eerste resultaten van het landelijk bevolkingsonderzoek naar dikkedarmkanker zijn onlangs gepubliceerd in het Ned. Tijdschrift  voor Geneeskunde. 

lees verder

Naleving richtlijn hoog-risico stadium II en III dikkedarmkanker suboptimaal

De naleving van richtlijnen bij de behandeling van patiënten met hoog-risico stadium II en stadium III dikkedarmkanker is in Nederland suboptimaal. Die conclusie trekken Lotte Keikes (AMC) en collega’s op basis van een vragenlijst uitgezet onder een selectie van medisch oncologen in alle Nederlandse ziekenhuizen. Het niet-naleven van de richtlijnen had voornamelijk betrekking op overbehandeling met adjuvante chemotherapie bij patiënten met stadium II en III dikkedarmkanker en onderbehandeling met doelgerichte therapie bij gemetastaseerde dikkedarmkanker. De onderzoekers noemen een aantal mogelijke oorzaken en doen aanbevelingen om de implementatie en monitoring van richtlijnen te verbeteren. 

lees verder

Behandelvoorkeur bepalen met histologie ongewis bij vroege longkanker

Informatie over het histologische type lijkt geen geschikte parameter om de behandelvoorkeur te bepalen bij vroege stadia van longcarcinoom. Dat schrijven Max Dahele (VUmc) en Ronald Damhuis (IKNL) in een redactionele bijdrage in Journal of Thoracic Oncology. De tumorgrootte heeft, ongeacht de behandeling, de belangrijkste invloed op de overleving. Daarnaast kunnen andere determinanten, zoals tumorlocatie, de uitkomsten selectief beïnvloeden. Volgens de auteurs kunnen met vergelijkende effectiviteitsstudies wellicht relevante subgroepen worden opgespoord, maar dit vergt nader onderzoek.

lees verder

Borstsparende therapie bij T1-2N2 gelijk aan mastectomie & radiotherapie

Patiënten met stadium T1-2N2 borstkanker die borstsparende chirurgie aangevuld met radiotherapie krijgen, hebben een algehele, relatieve en afstandsmetastasevrije 10-jaarsoverleving die minstens gelijk is aan die van patiënten die mastectomie en radiotherapie kregen. Die conclusie trekken Marissa van Maaren (IKNL) en collega’s op basis van de eerste population-based studie naar het resultaat van beide behandelopties in deze specifieke patiëntengroep. De onderzoekers benadrukken dat deze uitkomst voorzichtig geïnterpreteerd dient te worden, maar geven tevens aan dat deze bevinding aansluit bij een eerdere studie gepubliceerd in The Lancet Oncology. Ze adviseren arts en patiënt om samen tot een goed besluit te komen, waarin de risico's en voordelen van beide behandelopties worden meegewogen.

lees verder

Chemotherapie-geïnduceerde neuropathie: een onderschatte bijwerking

Patiënten met stadium II of III dikkedarmkanker die behandeld zijn met platinumderivaten hebben veel last van bijwerkingen, waaronder chemotherapie-geïnduceerde perifere neuropathie. Bij patiënten met multipel myeloom komen dergelijke bijwerkingen eveneens vaak voor, zo blijkt uit promotieonderzoek van Tonneke Beijers (Máxima Medisch Centrum). Genoemde klachten treden niet alleen op tijdens en kort na de behandeling, maar kunnen twee tot zelfs elf jaar later nog steeds voorkomen. Daarom is het belangrijk om deze klachten tijdig op te sporen, zodat behandeling van patiënten met een verhoogd risico -indien nodig- kan worden aangepast. Het onderzoek is uitgevoerd met behulp van PROFILES, het patiëntenvolgsysteem van IKNL en Tilburg University.

lees verder