vrouw wordt bestraald

Kortere bestralingsschema's bij botuitzaaiingen bieden vergelijkbare pijnverlichting, maar praktijkvariatie blijft bestaan

Kortere bestralingsschema's voor botuitzaaiingen bij patiënten met uitgezaaide kanker zijn steeds vaker de standaardbehandeling, in lijn met de richtlijn. Daarbij bieden zij vergelijkbare pijnverlichting als langere bestralingsschema's. Echter, er bestaan wel verschillen tussen Nederlandse radiotherapiecentra in de behandeling van patiënten met botuitzaaiingen. Dat blijkt uit een landelijke studie van onderzoekers van IKNL, het LUMC en tien Nederlandse radiotherapieafdelingen en -centra.

Hoewel kortere bestralingsschema's (hypofractionering) vergelijkbare pijnverlichting bieden als langere schema's en de behandelbelasting voor patiënten kunnen verminderen, varieert het gebruik ervan nog tussen centra. De studie, gepubliceerd in het Radiation Oncology Journal, analyseerde gegevens van 17.336 patiënten die tussen 2018 en 2022 werden behandeld voor botmetastasen. In totaal werden 31.677 bestralingsschema’s onderzocht. Van deze behandelingen bestond 81,4% uit een kort bestralingsschema van één of twee bestralingen van 8 Gy.

Toename sinds de coronapandemie

De onderzoekers zagen dat het gebruik van korte bestralingsschema’s verder toenam sinds het begin van de COVID-19-pandemie in 2020. Tijdens de pandemie werden kortere behandeltrajecten actief gestimuleerd om het aantal ziekenhuisbezoeken voor kwetsbare patiënten te beperken en beschikbare zorgcapaciteit efficiënt te benutten. Deze ontwikkeling zette ook na de pandemie door.

Tegelijkertijd blijken de verschillen tussen radiotherapiecentra te zijn. Het aandeel korte bestralingsschema's varieerde van 34% tot 99% tussen de deelnemende centra.

Vergelijkbare pijnuitkomsten

Van een subgroep van 278 patiënten waren gegevens beschikbaar over pijnklachten vóór en na de behandeling. Hieruit bleek dat de pijnrespons in de drie maanden na de bestraling niet significant verschilde tussen patiënten die een kort schema kregen en patiënten die werden behandeld met een langer schema. De pijnrespons in maand 3 bedroeg respectievelijk 56% en 63%. Deze bevinding sluit aan bij alle eerdere klinische trials zoals de Nederlandse Botmetastasen Studie waaruit al naar voren kwam dat kortere bestralingsschema's even effectief zijn als langere schema's voor het verlichten van pijn door botuitzaaiingen.

8 Gy is de standaard bij pijnlijke botuitzaaiingen, je moet van goede huize komen om iets anders te willen geven - prof. dr. Yvette van der Linden, radiotherapeut-oncoloog en hoogleraar palliatieve geneeskunde, LUMC

Minder belasting voor patiënt en zorg

Botuitzaaiingen kunnen ernstige pijn veroorzaken en hebben een grote impact op de kwaliteit van leven. Voor patiënten die palliatieve radiotherapie krijgen, is het belangrijk dat de behandeling de pijn verlicht zonder onnodige belasting met zich mee te brengen. Kortere bestralingsschema's betekenen minder ziekenhuisbezoeken, minder reistijd en meer tijd thuis, terwijl de pijnverlichting vergelijkbaar blijft.  Ook kan deze aanpak bijdragen aan een doelmatiger inzet van capaciteit binnen radiotherapiecentra.  

De kracht van dit project zit niet alleen in de resultaten, maar juist ook in de samenwerking. Dat de radiotherapiecentra de uitkomsten gezamenlijk hebben besproken binnen het Landelijk Platform Palliatieve Radiotherapie laat zien hoe inzicht in praktijkvariatie kan leiden tot gezamenlijke reflectie en verbetering – dr. Ellis Slotman, postdoc onderzoeker IKNL

De onderzoekers concluderen dat korte bestralingsschema's inmiddels breed zijn ingeburgerd in Nederland en sinds de coronapandemie verder aan terrein hebben gewonnen. Tegelijkertijd laat de studie zien dat er nog ruimte is om de praktijkvariatie tussen centra te verkleinen en zo bij te dragen aan meer passende en patiëntgerichte zorg voor mensen met botuitzaaiingen. De studie vormde daarmee ook aanleiding voor de radiotherapiecentra om de resultaten en praktijkvariatie gezamenlijk te bespreken binnen het Landelijk Platform Palliatieve Radiotherapie. Voor welke patiënten is een hogere dosis misschien wel wenselijk? Daarover ging men in gesprek. Daarmee laat dit project zien hoe inzicht in data kan worden gebruikt om van elkaar te leren en de zorg verder te optimaliseren.

Meer informatie

Lees hier de publicatie: Slotman E, Fransen HP, Gal R, et al. Trends in radiotherapy fractionation for bone metastases: a multi-center study of practice patterns before, during, and after COVID-19. Radiation Oncology Journal. Gepubliceerd op 23 juni 2026.

Gerelateerd nieuws

Proefschrift over betere diagnostiek & behandeling LCNEC

Pathologen en (long)oncologen worden bij de diagnose en behandeling van patiënten met grootcellig neuro‐endocrien longcarcinoom (LCNEC), een zeldzame vorm van longkanker, geconfronteerd met allerlei problemen. Jules Derks beschrijft in zijn proefschrift mogelijkheden die kunnen bijdragen aan betere diagnostiek en behandeling van deze ziekte. Zo kunnen patiënten met bevestigd LCNEC mogelijk voordeel hebben bij gecombineerde chemotherapie met platinum‐gemcitabine of platinum‐taxaan, een regime dat tot dusver bij patiënten met niet-kleincellig longcarcinoom werd ingezet.
 

lees verder