Regie op registers dure geneesmiddelen

(Hoe) kunnen registers het Zorginstituut ondersteunen bij zorgvuldig pakketbeheer?

December 2020 startte de eerste casestudie binnen het project Regie op Registers Dure Geneesmiddelen (ROR DGM) met als doel om na te gaan of registers ingezet kunnen worden voor cyclisch pakketbeheer. Deze eerste casestudie is door het Zorginstituut Nederland gegund aan de Dutch Colorectal Cancer Group (DCCG) in samenwerking met IKNL. 
 

Steeds vaker worden dure specialistische geneesmiddelen op de markt toegelaten terwijl er nog onzekerheid is over hun (kosten-)effectiviteit, de juiste plaatsbepaling (in de behandeling) of de juiste indicatiestelling. Hierdoor groeit de behoefte om de effectiviteit, kosteneffectiviteit en (bij)werkingen van nieuwe geneesmiddelen in de dagelijkse praktijk te monitoren. Om de uitkomsten van een behandeling met een nieuw geneesmiddel te kunnen meten, moet daarom informatie uit de klinische praktijk worden vastgelegd en geanalyseerd. Binnen het project ROR DGM van het Zorginstituut wordt onderzocht wat er nodig is om al bestaande registraties voor dit doel in te zetten, zodat (kosten)effectiviteit nagegaan kan worden en (dure) geneesmiddelen in de toekomst uitsluitend worden ingezet bij patiënten bij wie deze behandeling effectief is.  

In deze eerste casestudie werken de DCCG (verrichter van PLCRC), IKNL en stichting Darmkanker (patiëntenvereniging) met het Zorginstituut samen om een protocol te ontwikkelen voor het monitoren van de (kosten)effectiviteit van encorafenib in combinatie met cetuximab bij patiënten met een gemetastaseerd colorectaal carcinoom met een BRAF V600-mutatie.  

Het protocol begint bij het formuleren van een heldere onderzoeksvraag en het bepalen welke items er nodig zijn om de onderzoeksvraag te beantwoorden. Vervolgens moet er gekeken worden of de benodigde informatie beschikbaar is en of deze informatie automatisch kan worden samenbracht. Naast onderzoekinhoudelijke kennis is er daarom ook inbreng nodig vanuit de ICT. Naast deze inhoudelijke en ICT-vraagstukken, wordt er gekeken naar de mogelijkheden van structurele financiering en de benodigde governancestructuur. 

Samenwerking 

Met de samenwerking tussen de DCCG, IKNL en het Zorginstituut hebben we de juiste kennis, kunde en gegevens in huis om een goede start te maken met de casestudie. Binnen de Nederlandse Kankerregistratie (NKR) worden veel (klinische) gegevens van alle patiënten met een colorectaal carcinoom vastgelegd. In PLCRC worden deze gegevens aangevuld met gegevens over kwaliteit van leven. Daarnaast wordt in het kader van door de DCCG uitgevoerde onderzoeksprojecten regelmatig aanvullende gegevens over deze patiëntengroep vastgelegd. Hiermee vormen de NKR en PLCRC een goede basisregistratie voor het uitvoeren van doelmatigheidsonderzoek. Vanuit de afdelingen Klinische Informatica en Clinical Data Science van IKNL wordt de nodige know-how geleverd voor het aanleggen van een goede data-infrastructuur. De collega’s van deze afdelingen zullen onder andere gaan onderzoeken of en hoe het concept personal health train in deze casestudie toepasbaar is. 

Afgelopen januari hebben de eerste bijeenkomsten plaatsgevonden waarin we met elkaar geconcretiseerd hebben WAT we in de case studie willen bereiken en ook HOE we dit willen bereiken. De komende twee jaar gaan we hard met elkaar aan de slag om te onderzoeken of we met bestaande registraties met de juiste ICT-toepassingen, financiering en governance structuur kunnen komen tot een registratie waarmee we in de toekomst de (kosten)effectiviteit en (bij)werkingen van dure geneesmiddelen kunnen monitoren. 

Gerelateerd

Flashmob studie maakt inzet systeemtherapie uitgezaaide dikkedarmkanker snel inzichtelijk

Met de flashmobstudie kunnen snel onderzoeksresultaten verzameld worden

Hoe lang duurt het voordat een bewezen effectieve behandeling aangeboden wordt aan patiënten in de spreekkamer? Sietske van Nassau (UMC Utrecht) en collega’s doken in dat vraagstuk. Ze keken daarbij naar de toepassing van FOLFOXIRI-B, oftewel triple chemotherapie: een behandeling voor patiënten met uitgezaaide dikkedarmkanker. Conclusies trokken ze op basis van een flashmob studie, waarbij data in een korte tijd (‘flash’) verzameld, geanalyseerd en geduid wordt door een grotere groep betrokken onderzoekers (‘mob’). De studie werd gepubliceerd in JAMA network open.
 

lees verder

Samen beslissen over adjuvante chemotherapie bij stadium II en III darmkanker

Kwaliteit van leven bij adjuvante chemotherapie

De kwaliteit van leven is bij stadium II en III darmkankerpatiënten met adjuvante chemotherapie (ACT) iets lager (0,04 op de Health Utility schaal) dan bij stadium II en III darmkankerpatiënten die geen ACT kregen na operatie. Het is één van de uitkomsten van het kosteneffectiviteitsonderzoek naar de behandeling van darmkankerpatiënten van Gabrielle Jongeneel, dat januari 2021 is gepubliceerd in The International Journal of Cancer.

lees verder