Leren van de praktijk: zorgmodellen met passende bekostiging

In het project TAPA$ (TrAnsmurale PAlliatieve Zorgmodellen met passende bekoStiging) gaan zeven regionale initiatieven voor transmurale palliatieve zorg met elkaar aan de slag. Deze initiatieven hebben een manier gevonden om palliatieve zorg te verbeteren. Ondersteund door PZNL buigen ze zich over het realiseren van passende bekostiging, het inzichtelijk maken van kwaliteit van zorg en identificeren van de basiselementen waarmee deze kwaliteit geleverd kan worden. Bestaande initiatieven bestendigen en het ontstaan van nieuwe initiatieven stimuleren en faciliteren staan centraal in project TAPA$.

Na de lancering van het Kwaliteitskader Palliatieve Zorg NL bleek dat om de essenties toe te kunnen passen, de zorg in toenemende mate transmuraal wordt georganiseerd. PZNL heeft naar aanleiding daarvan een veldverkenning gedaan naar transmurale initiatieven in de palliatieve zorg. Hierbij is gekeken naar transmuraal werken waarbij een bovengemiddelde aandacht is voor deze essenties en die een landelijke representatieve afspiegeling zijn. Vanuit deze verkenning ontstond een shortlist. Uiteindelijk is gekozen voor zeven initiatieven.

Van elkaar leren om te verbeteren

De zeven geselecteerde initiatieven hebben hun aanpak gepresenteerd tijdens werkbezoeken van PZNL, NZA en ZonMw in het najaar van 2018. Tijdens de werkbezoeken presenteerden de deelnemers wat er nodig is om transmurale palliatieve zorg beter van de grond te krijgen; wat gaat er goed in deze initiatieven en waar loopt men tegenaan? PZNL gaat met hen onderzoeken welke factoren bijdragen aan kwalitatief goede palliatieve zorg en wat een daarbij passende bekostigingsstructuur kan zijn. De initiatieven fungeren als zogenoemde ‘leertuinen’.

In het project zijn twee werkgroepen gevormd. De werkgroep Kwaliteit wil inzicht krijgen in de kwaliteit van zorg en de bevorderende en belemmerende factoren. De werkgroep Bekostiging richt zich op het mogelijk maken van een passende bekostiging voor transmuraal werken. Daarnaast worden ook overige partijen uit het veld van de palliatieve zorg benaderd.

Stand van zaken

Op 11 december jl. zijn afgevaardigden van de zeven geselecteerde initiatieven voor het eerst bij elkaar gekomen. Deze bijeenkomst kan worden gezien als de aftrap van het project, waarbij zij gezamenlijk het belang van landelijk draagvlak voor bruikbare zorgmodellen onderstreepten. Half februari heeft een eerste bijeenkomst plaatsgevonden van de werkgroep Bekostiging. In het voorjaar komt de werkgroep Kwaliteit voor het eerst bij elkaar.

De gekozen leertuinen zijn gesitueerd in de volgende consortiumgebieden:

1. PalliSupport, consortium Noord Holland/Flevoland
2. Transmuraal Zorgpad Oost Veluwe, consortium Zuidoost-Nederland, PalZO
3. Gewenste zorg in de laatste levensfase 2.0, consortium Limburg/Zuidoost-Brabant
4. Juiste zorg op de juiste plek; het thuisconsult specialistische PZ, consortium Propallia; noordelijk Zuid Holland
5. Regionale samenwerkingsafspraken, consortium Zuidoost-Nederland PalZO
6. Multidisciplinair begeleidingsteam palliatieve zorg, consortium Zuidwest-Nederland
7. Casemanagement Friesland, consortium Ligare. 

Meer informatie

Neem voor meer informatie contact op met Rob Daamen, Projectleider TAPA$.

Gerelateerd

Streefnormen voor goede palliatieve zorg vastgesteld door koppeling van databronnen

Begeleiding bij stervende echtgenoot

Een recente studie bracht in kaart welke ziekenhuiszorg mensen ontvingen die overleden aan een aandoening die relevant is voor palliatieve zorg, en op welke plaats ze uiteindelijk overleden. Daarnaast keek het team van onderzoekers, waaronder NIVEL-onderzoeker Mariska Oosterveld en IKNL’er Manon Boddaert, wat de variatie was tussen verschillende regio’s. Hun resultaten verschenen in het tijdschrift BMC Palliative Care. Het team formuleerde op basis van de resultaten best-practice streefnormen voor goede palliatieve zorg.

lees verder

Naasten onvoldoende betrokken bij palliatieve zorg voor patiënten met uitgezaaide kanker

Profielfoto Janneke van Roij

Steeds meer mensen krijgen te maken met de gevolgen van vergevorderde kanker en palliatieve zorg. Dit heeft grote impact op de kwaliteit van leven van patiënten en dat van hun naasten. Daarbij blijkt dat het emotioneel functioneren van naasten vaak harder geraakt wordt dan dat van de patiënten zelf. Naasten ervaren echter te weinig aandacht voor hun welbevinden vanuit zorgverleners. Dat leidt ertoe dat naasten minder tevreden zijn over de zorg voor de patiënt én voor zichzelf. Door hen beter te betrekken in de zorg voor de patiënt en handreikingen te bieden voor bijvoorbeeld ontspanning, kan het welbevinden van zowel patiënt als naaste verbeteren.

lees verder