Meer gerichte behandeling maagkanker belangrijker

Locatie uitzaaiingen bij maagkanker sterk afhankelijk van subtype

Het uitzaaiingspatroon van het adenocarcinoom van de maag verschilt afhankelijk van het histologische subtype van deze tumor. Het intestinale type zaait vaker uit naar de lever, terwijl bij het diffuse type vaker uitzaaiingen op het buikvlies worden gevonden. Dat concluderen Willem Koemans (NKI-AvL) en collega’s. Stratificatie en behandeling van patiënten naar histologisch subtype wordt daarom steeds belangrijker. 

De algehele incidentie van maagkanker is over de tijd gedaald in Westerse landen. Echter, de incidentie van uitgezaaide maagkanker bij diagnose is over de jaren toegenomen. Die toename is mede toe te schrijven aan ruimer gebruik van verbeterde diagnostische technieken, zoals CT- en PET-scan en laparoscopie (kijkoperatie van de buik om het buikvlies te beoordelen). De Lauren-classificatie wordt al decennia lang gebruikt om maagkanker in te delen in drie histologische subtypes: intestinaal, diffuus en het gemengde type. Het uitzaaiingspatroon van maagkanker per histologisch subtype is tot dusver niet bestudeerd.

Studieopzet

De onderzoekers identificeerden alle patiënten met uitgezaaide maagkanker in de Nederlandse Kankerregistratie (NKR) die tussen 1999 en 2017 zijn gediagnosticeerd. De Lauren-classificatie werd vastgesteld op basis van pathologieverslagen van het Pathologisch-Anatomisch Landelijk Geautomatiseerd Archief (PALGA) en gekoppeld aan individuele (geanonimiseerde) data uit de NKR.

Resultaten

Van de 8.231 patiënten met uitgezaaide maagkanker had 57% een intestinaal type tumor, 38% een diffuus type tumor en 5% een gemengd type tumor. Patiënten met een intestinaal type tumor hadden vaker uitzaaiingen naar de lever (57% versus 21%) en longen (13% versus 7%), terwijl patiënten met een diffuus type tumor vaker uitzaaiingen hadden op het buikvlies (58% versus 29%) en in de botten (9% versus 6%). 
Patiënten met een diffuus type tumor hadden een slechtere overleving, ongeacht het aantal en de lokalisatie van de uitzaaiingen. De mediane overleving van alle patiënten samen was in deze studie 4,1 maanden. Tussen de patiënten met een ¬¬¬intestinaal versus diffuus type tumor werd een gering, maar significant overlevingsverschil gevonden (4,3 versus 3,9 maanden, respectievelijk). Dit werd waargenomen in de hele studiepopulatie én bij patiënten met uitgezaaide ziekte op één locatie.

Conclusie en aanbevelingen

Willem Koemans en collega’s concluderen dat het intestinaal type adenocarcinoom van de maag vaker uitzaait naar de lever, terwijl bij het diffuus type vaker uitzaait op het buikvlies. Een andere bevinding is dat de Lauren-classificatie prognostische waarde heeft voor de overleving van patiënten met een gemetastaseerd adenocarcinoom van de maag. Patiënten met een intestinaal type tumor hadden een iets betere overleving vergeleken met patiënten met een diffuus type tumor. De verschillen in uitzaaiingspatroon en overleving kunnen in de nabije toekomst klinisch relevant zijn, wanneer gepersonaliseerde therapieën worden geïntroduceerd voor verschillende vormen van maagkanker.

Sinds de publicatie van de Cancer Genome Atlas (TCGA) is bekend dat het intestinaal en diffuus type maagkanker verschillende genetische eigenschappen hebben. De verschillen in het uitzaaiingspatroon onderstrepen dat deze verschillende types maagkanker niet dezelfde entiteit zijn en mogelijk ook verschillend behandeld moeten worden. Daarom is het volgens de onderzoekers belangrijk dat klinische trials naar uitgezaaide maagkanker gestratificeerd worden naar histologisch subtype.

categorie: Maagkanker
Gerelateerd

Zorgpaden dragen bij aan betere naleving richtlijnen en afname klinische variatie

arts tijdens mdo

Patiënten met maag- of slokdarmkanker krijgen na implementatie van een regionaal zorgpad significant vaker een PET- of PET/CT-scan. Dat blijkt uit onderzoek van Jolanda van Hoeve (IKNL) in Zuidwest-Nederland. In een andere studie in Noordoost-Nederland toont zij aan dat ongewenste klinische variatie verminderde na standaardisatie van het zorgpad slokdarmkanker, uitgezonderd patiënten die geen behandeling ontvingen. Beide studies zijn opgenomen in het proefschrift waarop Jolanda van Hoeve 29 oktober 2020 promoveerde aan de Universiteit Twente.

lees verder

Vaker tweedelijnstherapie bij slokdarm- of maagkanker in hoogvolumecentra

handen prepareren infuuszak

Patiënten met uitgezaaid adenocarcinoom van slokdarm of maag die behandeld zijn met palliatieve eerstelijns systemsche therapie in ziekenhuizen met een hoog behandelvolume, krijgen vaker tweedelijnstherapie. Dat blijkt uit onderzoek van Willemieke Dijksterhuis (Amsterdam UMC en IKNL) en collega’s. Deze studie toont verder aan dat patiënten na tweedelijnsbehandeling met paclitaxel/ramucirumab een langere overleving hebben vergeleken met patiënten die monotherapie met taxanen ontvingen.

lees verder