Zorgpad borstkanker leidt tot betere zorg voor patiënten

Ziekenhuizen kunnen de zorg voor vrouwen met borstkanker verbeteren door een multidisciplinair zorgpad in te voeren. In zo’n zorgpad staat beschreven welke stappen er gezet moeten worden rond diagnose en behandeling. Uit onderzoek van IKNL blijkt dat introductie van een zorgpad voor borstkanker bijdraagt aan betere naleving van de nationale richtlijnen en dat daardoor de zorg voor vrouwen met borstkanker verbetert. De studie werd uitgevoerd in drie ziekenhuizen in Friesland door IKNL, UMC Groningen, Universiteit Groningen en Universiteit Twente.

Uit het onderzoek komt onder andere naar voren dat er sinds de invoering van het multidisciplinaire zorgpad borstkanker beduidend meer HER2/neu-testen werden uitgevoerd. Met behulp van deze test kan worden bepaald of er een specifiek eiwit aanwezig is dat de tumor agressiever maakt. Op basis van de uitslag kan de arts vervolgens in overleg met de patiënt besluiten om de behandeling aan te passen, waardoor de kans op genezing toeneemt.

Schildwachtklierprocedure

Sinds de invoering van het zorgpad borstkanker nam ook het aantal schildwachtklierprocedures toe. Bij deze procedure onderzoekt de arts tijdens de operatie of er uitzaaiingen voorkomen in de schildwachtklier, dat is een lymfeklier in de omgeving van de tumor waar het lymfevocht als eerste voorbij komt. Meestal is dat ergens in de oksel, maar het kan ook in de borst zelf zijn of elders. Wanneer uit onderzoek blijkt dat er tumorcellen zitten in één of meer schildwachtklieren, dan adviseert de arts om alle okselklieren te verwijderen. Om eventuele uitzaaiingen (metastasen) in het lichaam te bestrijden, leidt dit meestal tot een andere (zwaardere) aanvullende behandeling voor de patiënt.

Informatie over de aanwezigheid van tumorcellen in de schildwachtklieren is belangrijk, omdat de kansen op overleving in dat geval minder gunstig zijn. Wanneer de arts echter géén tumorcellen in de schildwachtklieren vindt, is verwijderen van de lymfeklieren niet nodig. Dat is een groot voordeel voor de patiënt, omdat dat een vervelende bijwerking als lymfoedeem (vochtophoping) dan meestal kan voorkomen. In het algemeen vindt de patholoog bij circa 60 procent van de schildwachtklierprocedures géén tumorcellen en dan volstaat vaak een minder belastende behandeling. 

Minder onnodige behandelingen

Dat effect is ook aangetoond in het onderzoek van Jolanda van Hoeve (IKNL) en collega’s. Doordat er sinds de invoering van het zorgpad vaker een schildwachtklierprocedure werd uitgevoerd, hoefde bij minder vrouwen de okselklieren te worden verwijderd. Ook nam door de invoering van het multidisciplinaire zorgpad borstkanker het gelijktijdig inzetten van zowel radiotherapie als chemotherapie af. Dit was één van de beoogde doelen van het zorgpad, omdat gelijktijdig toepassen van chemo- en radiotherapie een grote belasting is.

Uit het onderzoek blijkt dat zeven van de acht medische indicatoren sinds de introductie van het zorgpad zijn verbeterd, waardoor de zorg beter voldoet aan de richtlijnen. Naast de eerder genoemde punten nam het aantal borstkankeroperaties per chirurg toe en kregen patiënten iets vaker een specifieke, aanvullende behandeling na de operatie aangeboden. Het aantal heroperaties nam juist af. Ook dat is een positief resultaat.

Doorlooptijden

In wacht- en doorlooptijden signaleerden de onderzoekers eveneens verbeteringen. Het ging hierbij onder meer om kortere doorlooptijden tussen het eerste bezoek aan de polikliniek en de definitieve uitslag van de patholoog, eerste bezoek aan polikliniek en operatie en tijd tussen operatie en nabehandeling (chemotherapie / radiotherapie). De eindconclusie van de onderzoekers luidt dat invoering van het zorgpad borstkanker en het multidisciplinair overleg, waarbij de specialisten samen de patiënten bespreken, de centrale sleutel vormt tot verdere verbetering van de zorg voor vrouwen met borstkanker.

Bijna alle ziekenhuizen in Nederland werken inmiddels met zorgpaden, waaronder een zorgpad voor vrouwen met borstkanker. Ziekenhuizen besteden daar veel aandacht aan sinds de invoering van normen van de Stichting Oncologische Samenwerking (Soncos) in 2012. Onderzoeker Jolanda van Hoeve verwacht dat er met zorgpaden ook bij andere tumoren nog ‘zorgwinst’ voor patiënten valt te behalen. In een vervolgonderzoek wordt gekeken naar de effecten van een zorgpad voor patiënten met endeldarmkanker, deze vorm van kanker komt veel minder voor dan borstkanker.

  • Het onderzoek van J. van Hoeve, L. de Munck, R. Otter, J. de Vries en S. Siesling werd uitgevoerd in het Antonius Ziekenhuis in Sneek, Ziekenhuis Nij Smellinghe in Drachten en Ziekenhuis de Tjongerschans in Heerenveen. De resultaten zijn recent gepubliceerd in het vakblad The Breast onder de titel ‘Quality improvement by implementing an integrated oncological care pathway for breast cancer patients’.

Gerelateerd

Borstkanker in Nederland 1989-2017: hogere incidentie; betere overleving

vrouw met hond in park

Tussen 1989 en 2017 is de incidentie van eerste, primaire borstkanker in Nederland aanzienlijk gestegen, hoewel in recente jaren een veelbelovende daling is te zien. De overleving van patiënten verbeterde aanzienlijk voor de meeste vormen van borstkanker door minder intensieve chirurgie en toegenomen gebruik van systemische therapieën en/of combinaties met andere behandelingen. Overeenkomstig daalde de sterfte substantieel, ongeacht de leeftijd van deze vrouwen. Dat blijkt uit onderzoek van Daniël van der Meer (NKI) en collega’s met data uit de NKR.

lees verder

Proefschrift Linda de Munck: Minder gevorderde borstkankers door bevolkingsonderzoek

Bevolkingsonderzoek borstkanker draagt bij aan vroegere diagnostiek

Vrouwen die deelnemen aan het bevolkingsonderzoek hebben significant minder vaak een hoog stadium borstkanker bij diagnose dan vrouwen die niet of onregelmatig deelnemen aan de screening. Dat is een van de conclusies uit het proefschrift ‘Breast cancer: screening stage and outcome’ dat Linda de Munck op 30 november verdedigt. Naast het effect van het bevolkingsonderzoek gaat De Munck in op borstkankerchirurgie en nacontrole. 
 

lees verder