Start revisie richtlijn Oncologische revalidatie

De voorbereidingen voor revisie van de richtlijn Oncologische revalidatie zijn van start. Maximaal drie uitgangsvragen worden evidence based herzien en twee vragen consensus based. Deze uitgangsvragen zijn bepaald op basis van een knelpunteninventarisatie onder professionals en (ex-)patiënten. Naar verwachting is de revisie van de richtlijn Oncologische revalidatie begin 2015 afgerond.

Oncologische revalidatie is gedefinieerd als zorg voor (ex-)kankerpatiënten die gericht is op het voorkomen of verminderen van problemen op functioneel, fysiek, psychisch en sociaal vlak. Advies en begeleiding bij het omgaan met ziekte, herstel en handhaven of het verbeteren van de conditie staan daarbij centraal. Oncologische revalidatie moet zich idealiter richten op alle fasen waarin een kankerpatiënt zich kan bevinden (tijdens of na afronding van de in opzet curatieve behandeling en tijdens de palliatieve fase).

Uitgangsvragen 
Om aan te kunnen sluiten bij de belangrijkste knelpunten uit de praktijk van de oncologische revalidatie is eind 2013 een knelpunteninventarisatie uitgevoerd onder betrokken professionals en (ex-)patiënten. Op basis van deze knelpunteninventarisatie is besloten de volgende twee uitgangsvragen consensus based te reviseren:
1. Welk instrument is valide en bruikbaar in Nederland voor het signaleren van klachten tijdens en na afronding van de in opzet curatieve behandeling en in de (ziekte- en symptoomgerichte) palliatieve fase?
2. Waar moet de intake uit bestaan om te bepalen welke vorm van revalidatie het meest geschikt is voor een specifieke patiënt?

Daarnaast worden de volgende drie evidence based uitgangsvragen gereviseerd: 
3. Wat zijn belemmerende en bevorderende factoren of kenmerken voor het zelfstandig oppakken of handhaven van een gezonde leefstijl voor kankerpatiënten?
4. Wat is het effect van ondersteuning / adviezen / (verpleegkundige)interventies gericht op arbeid tijdens en na afronding van de in opzet curatieve behandeling van kanker op deelname aan het arbeidsproces, kwaliteit van leven, zinvolle dagbesteding, vermoeidheid en cognitief functioneren?
5. Welke vorm van revalidatie kan klachten voorkomen of verminderen tijdens de in opzet curatieve behandeling? 

Richtlijnwerkgroep
Aan elke uitgangsvraag zijn professionals gekoppeld op basis van hun expertise, waarbij zoveel mogelijk rekening gehouden is met landelijke spreiding en mandatering vanuit diverse wetenschappelijke- en beroepsverenigingen. Samen vormen zij de multidisciplinaire richtlijnwerkgroep onder voorzitterschap van dr. J.P. van den Berg, revalidatiearts bij Reade in Amsterdam. De Nederlandse Vereniging voor Revalidatieartsen (VRA) is eigenaar van de richtlijn Oncologische revalidatie.

Tijdspad
Het streven is de gereviseerde richtlijn in september 2014 aan te bieden aan de wetenschappelijke verenigingen en beroepsverenigingen voor de commentaarronde. Begin 2015 zal de richtlijn Oncologische revalidatie gepubliceerd worden op Oncoline.

Financiering
De ontwikkeling van deze richtlijn is mogelijk gemaakt door A-Care, Stichting Kwaliteitsgelden Medisch Specialisten (VRA) en IKNL.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met dr. Miranda Velthuis (m.velthuis@iknl.nl), procesbegeleider van de richtlijn Oncologische revalidatie.

categorie: Survivorship
Gerelateerd

Pilot Aanpassingsstoornis bij kanker gestopt per 1 september

Veel mensen die kanker hebben (gehad), kampen met de gevolgen van kanker en behandeling, zoals vermoeidheid, somberheid, onzekerheid en angst. Als de problemen ernstiger zijn en niet over gaan, kan er sprake zijn van een aanpassingsstoornis. In 2012 is psychologische zorg bij een aanpassingsstoornis uit het basispakket gehaald, ook bij kanker. Deze zorg werd vanaf 1 maart 2018 tot 1 september 2021 (tijdelijk) vergoed vanuit de landelijke pilot Aanpassingsstoornis bij kanker. 

lees verder

UroLife: leefstijl bij blaaskanker

Het risico op terugkeer van de tumor na blaaskanker is hoog. Patiënten vragen regelmatig aan hun uroloog wat zij zelf kunnen doen om hun kansen te verbeteren. Dat roken een belangrijke risicofactor voor blaaskanker is, dat is bekend. Maar wat kunnen patiënten met de diagnose doen om hun kansen te verbeteren? En gaat dat verder dan stoppen met roken? Om deze vragen beter te kunnen beantwoorden doen urologen samen met epidemiologen een onderzoek naar de invloed van leefstijl op de prognose bij Ta-T1 blaaskanker.

lees verder