Mensen met kanker ervaren meer geheugen- en concentratieproblemen dan leeftijdsgenoten

Mensen die kanker hebben of hebben gehad ervaren meer geheugen- en concentratieproblemen dan vergelijkbare personen uit de algemene bevolking. Dit verschil is het meest uitgesproken onder volwassenen jonger dan 50 jaar. Dat blijkt uit onderzoek van IKNL-onderzoeker Simone Oerlemans en collega’s dat onlangs in het Journal of Cancer Survivorship verscheen. Bovendien bleken vermoeidheid en klachten als gespannenheid deze cognitieve problemen uit te vergroten.

Zowel kanker, als de behandeling ervan en veroudering kunnen tot geheugen- en concentratieproblemen leiden. Om de gevolgen van kanker en veroudering te onderscheiden, vergeleken de onderzoekers het (cognitief) functioneren van mensen met bepaalde kankertypen met leeftijdsgenoten uit de algemene populatie.

Geheugen- en concentratieproblemen

Gemiddeld ervaarden de ondervraagde mensen die kanker hebben of hebben gehad meer concentratie- en geheugenproblemen dan leeftijdsgenoten van hetzelfde geslacht uit de algemene bevolking. Dit was het meest uitgesproken binnen de leeftijdsgroep van 18 tot 49 jaar. Alleen voor huidkanker vonden de onderzoekers geen verschil met de algemene populatie. Het opleidingsniveau en de tijd die verstreken was sinds de diagnose hadden minder invloed op de concentratie en het geheugen dan de leeftijd. De onderzoekers schrijven dat dit leeftijdseffect mogelijk wordt veroorzaakt door de hogere werkgerelateerde en sociale eisen en meer concurrerende verantwoordelijkheden waar 50-minners aan blootstaan in vergelijking met ouderen die kanker hebben of hebben gehad.

Jonge mensen met of na kanker hebben meer last van een verminderde concentratie en geheugen.

De bovenstaande bevindingen zijn gebaseerd op antwoorden van 6.786 respondenten die tussen 2009 en 2015 gehoor gaven aan het verzoek van PROFILES om een vragenlijst (EORTC QLQ-C30) in te vullen over onder andere concentratie, geheugen, lichamelijk functioneren en emotioneel welzijn. Hiermee komt het responsepercentage op twee derde van de mensen die door PROFILES met dit verzoek benaderd zijn. De referentiegroep van 407 personen kwam uit een steekproef van 2.040 mensen uit de algemene bevolking die in 2011 dezelfde vragenlijst hadden ingevuld tijdens een panelonderzoek (CentER panel).

Vermoeidheid en klachten als gespannenheid vergroten de problemen

Bijna een kwart van de 6.786 respondenten ervaarden geheugen- en concentratieproblemen die de kwaliteit van leven verminderden en hen (ernstig) belemmerden in hun dagelijks leven en op het werk. Vooral respondenten die aangeven ook veel last van vermoeidheid of klachten als angstigheid en gespannenheid te hebben, ervaarden belemmeringen door geheugen- en concentratieproblemen. De hoger opgeleide respondenten (ruim 21%) ervaarden juist minder belemmering door concentratie- en geheugenproblemen, dan degenen die geen hogere opleiding hadden gehad, maar in vergelijking met de eigen referentiegroep waren de verschillen even groot.

De patiënten en referentiegroep

De gemiddelde leeftijd van de respondenten lag rond de 67 jaar, ruim 60% was man en tweede derde had ook andere gezondheidsproblemen. Hoge bloeddruk, artritis en hartklachten werden het meest genoemd. Ook binnen de referentiegroep – die op leeftijd en geslacht was gematcht met de respondenten – was dit de top-3. De referentiegroep is volgens de onderzoekers representatief voor de algemene Nederlandssprekende populatie. Wel waren de respondenten gemiddeld iets lager opgeleid dan de referentiegroep.

Kankertypen en behandeling

De gegevens voor dit cross-sectionele onderzoek zijn afkomstig uit PROFILES, een databank die is opgericht om de fysieke en psychosociale impact van kanker in beeld te brengen. Daarnaast beschikten de onderzoekers via de Nederlandse Kankerregistratie (NKR) over demografische gegevens en ziektegegevens van deze mensen. De meest genoemde kankertypen waren dikkedarmkanker (23%), prostaatkanker (17%) en non-Hodgkinlymfoom (17%). De andere vormen van kanker die dit onderzoek meenam zijn: schildklierkanker, multiple myeloom (ziekte van Kahler), Hodgkin lymfoom, chronische lymfatische leukemie en huidkanker. De diagnose was minimaal vier maanden tot maximaal 20 jaar geleden gesteld. Bijna de helft van de mensen die kanker had of had gehad, onderging een operatie om de kanker te behandelen; en bijna een derde kreeg een systemische behandeling zoals chemotherapie.

Bron

Oerlemans S, Schagen SB, van den Hurk CJ, et al. Self-perceived cognitive functioning and quality of life among cancer survivors: results from the PROFILES registry. J Cancer Surviv. 2021 Mar 17.

Gerelateerd

De ‘nieuwe’ verloren groep: AYA’s (jong volwassenen) met een slechte of onzekere prognose

Serieus kijkende jonge man buiten

De medische wetenschap blijft zich ontwikkelen, waardoor er steeds meer behandelmogelijkheden zijn voor jongvolwassenen met kanker. Hoewel de vijfjaarsoverleving voor AYA's met kanker zo'n 80% is, geldt voor een groep AYA's, dat zij te horen krijgen dat de kanker waarschijnlijk niet te genezen is. Wat betekent de diagnose ‘ongeneeslijk ziek’ voor AYA’s in de huidige tijd?

lees verder

Het belang van leeftijdsspecifieke factoren bij overlevers van sarcoom

De impact van een sarcoom op jonge leeftijd is groot. Het verschil in kwaliteit van leven tussen jonge overlevers van sarcoom (18 – 39 jaar) en hun gezonde leeftijdsgenoten (normgroep) is groter dan dat tussen overlevers van sarcoom van middelbare leeftijd en ouder en hun gezonde normpopulatie. Dat blijkt uit data van de SURVSARC-studie van prof. dr. Winette van der Graaf, AVL en Erasmus MC en dr. Olga Husson, NKI. De uitkomsten zijn beschreven in het artikel 'The age-related impact of surviving sarcoma on health-related quality of life' in het wetenschappelijke tijdschrift ESMO Open.

lees verder