Infrastructuur ProBCI voor efficiënt onderzoek naar blaaskanker

Een landelijke infrastructuur voor onderzoek naar blaaskanker moet sneller leiden tot nieuwe, betere behandelmogelijkheden. Recent is een start gemaakt met het opzetten van de ‘Prospective Bladder Cancer Infrastructure’ (ProBCI). Het betreft een landelijke infrastructuur voor patiënten met blaaskanker waarbinnen klinische parameters, biomateriaal en behandeluitkomsten worden verzameld. Het doel is om op efficiënte wijze, observationeel, translationeel en interventie-onderzoek uit te voeren naar blaaskanker. Het initiatief is gestart door medisch specialisten van Radboudumc, UMC Utrecht, ErasmusMC en NKI in samenwerking met IKNL en met ondersteuning van alle academische centra en DUOS (Stichting Dutch Uro-Oncology Study group). 

Efficiënte blaaskankerstudies

De overleving van patiënten met spierinvasief blaaskanker is de afgelopen decennia nauwelijks verbeterd. De recente introductie van systemische immunotherapie voor de behandeling van gemetastaseerd blaaskanker opent echter nieuwe perspectieven voor patiënten en behandelaars. Behandeling met anti-PD(L)-1) checkpoint immunotherapie, laat hoopvolle resultaten zien bij een deel van de patiënten die progressief zijn na behandeling met platinum chemotherapie. Helaas betreft dit echter nog een minderheid van de patiënten. 

Toekomstig onderzoek zal moeten leiden tot een verdere verbetering van deze behandeling, bijvoorbeeld door het testen van combinatietherapieën en het doen van translationeel onderzoek met tumormateriaal van patiënten die behandeld worden met immunotherapie. Het is te verwachten dat de nieuwe therapeutische mogelijkheden die nu nog vooral worden toegepast bij patiënten met gemetastaseerde ziekte, in de toekomst ook een rol zullen krijgen in de behandeling van niet-gemetastaseerd blaaskanker. Om de toekomstige blaaskankerstudies zo snel en efficiënt mogelijk te laten verlopen, is het direct beschikbaar zijn van relevante klinische data en biomateriaal van patiënten met blaaskanker noodzakelijk. 

Prospectief cohort

In de landelijke infrastructuur ProBCI wordt standaard van alle nieuw gediagnosticeerde patiënten met T1, spierinvasief of gemetastaseerd blaaskanker, relevante klinische en kwaliteit van leven informatie en biomateriaal verzameld. Door alle nieuwe blaaskankerpatiënten te benaderen voor deze studie wordt een prospectieve database opgebouwd waarmee sneller en efficiënt onderzoek naar blaaskanker mogelijk is. 

Middels een informed-consent formulier wordt aan patiënten medewerking aan ProBCI gevraagd. Deze medewerking bestaat uit het geven van toestemming voor het gebruik van klinische data en koppelen hiervan aan andere databronnen en het verstrekken van een bloedmonster. Beide zijn verplicht voor participatie. Daarnaast is optioneel om kwaliteit van leven data te verstrekken, ander biomateriaal af te staan en de toestemming tot het opnieuw benaderen van deze patiënten voor toekomstige (interventie)studies.

Patiënteninclusie in klinische trials verhogen

Door de actuele informatie en het biomateriaal dat verzameld wordt binnen de infrastructuur wordt een onderzoeksfaciliteit gegenereerd waarmee patiëntinclusie in studies gefaciliteerd en verbeterd wordt. Idealiter leidt dit tot een eerdere introductie van nieuwe behandelmogelijkheden in de dagelijkse klinische praktijk. Ook geeft ProBCI de kans om interventiestudies efficiënter uit te voeren, als de controlegroep samengesteld wordt op basis van het prospectieve blaaskankercohort. De methodologie die hieraan ten grondslag ligt is het cohort multiple RCT design zoals beschreven door Relton et al. BMJ 2010, een design dat ook succesvol wordt gebruikt in bv het Prospectief Landelijk ColoRectaal Carcinoom cohort, PLCRC. 

Inzicht in klinische praktijk

Omdat actuele informatie beschikbaar is omtrent diagnose, behandeling, ziekteprogressie, overleving, nadelige bijeffecten en kwaliteit van leven van patiënten met blaaskanker, kan relatief eenvoudig inzicht verkregen worden in de dagelijkse, klinische praktijk. Tot slot zal de infrastructuur toegang verschaffen tot een biobank waarin biomateriaal beschikbaar is dat gebruikt kan worden voor onderzoek naar bijvoorbeeld de tumorbiologie en onderzoek naar respons op behandeling.

Opzet

De infrastructuur zal ingebed worden in het logistieke framework van de Nederlandse Kankerregistratie (NKR), in beheer van IKNL. Datamanagers van IKNL zullen items aanvullend aan de NKR registreren voor deze studie. Alle patiënten met een histologisch bevestigd blaascarcinoom T1 of hoger kunnen worden geïncludeerd. De infrastructuur wordt in de eerste fase gestart in de vier academische centra die betrokken zijn bij de initiatie van ProBCI (Radboudumc, UMC Utrecht, ErasmusMC en NKI). Daarna zullen de overige academische centra en perifere centra benaderd worden voor deelname. 

Planning

De infrastructuur zal in 2019 verder worden vormgegeven met financiële ondersteuning van diverse farmaceutische bedrijven (AstraZeneca, BMS, MSD, Janssen en Roche). 

Meer informatie

Meer informatie over ProBCI is op te vragen bij Dr. Niven Mehra, Radboudumc (Niven.Mehra@radboudumc.nl), Dr. Richard Meijer, UMCU (rmeijer6@umcutrecht.nl) en Dr. Katja Aben, IKNL (K.Aben@iknl.nl). 

categorie: Blaaskanker
Gerelateerd

Impact van de covid-19-uitbraak op de blaaskankerzorg

De covid-19-uitbraak in 2020 heeft in Nederland geleid tot een afname in aantal blaaskanker diagnoses met als ‘dieptepunt’ bijna 30% minder diagnoses in mei 2020. Deze afname in diagnoses is het sterkst onder ouderen en betreft vaker niet-invasieve tumoren. De behandeling van patiënten met blaaskanker lijkt tijdens de eerste golf grotendeels ongewijzigd te zijn. Alleen chemotherapie, zowel in de neo-adjuvante setting als bij patiënten met gemetastaseerde ziekte, werd wat minder vaak toegepast in vergelijking met eerdere jaren.

lees verder

Laag risico op complicaties na eenmalige postoperatieve blaasinstillatie met chemotherapie

Voor patiënten met laag risico niet-spierinvasieve blaaskanker wordt door internationale richtlijnen een eenmalige blaasinstillatie (spoeling) met chemotherapie binnen 24 uur na transurethrale resectie (TUR) aanbevolen. Er bestaat grote variatie in de toepassing van een eenmalige spoeling. Mogelijk kan dit verklaard worden door angst voor complicaties. Daarom onderzocht de 'BlaaskankerZorg In Beeld' studiegroep (BlaZIB) het risico op ernstige complicaties en sterfte na een eenmalige spoeling, welke zeer laag bleken te zijn. Gezien de grote variatie in de toepassing van een eenmalige spoeling en het lage risico op ernstige complicaties of sterfte, wordt mogelijk een deel van de patiënten onterecht niet behandeld met een eenmalige spoeling.

lees verder