Pleidooi voor screenen op darmkanker na behandeling van hodgkinlymfoom

Mensen met een hodgkinlymfoom die in het verleden zijn behandeld met infradiafragmatische radiotherapie en een hoge cumulatieve dosis procarbazine, zouden elke vijf jaar onderzocht moeten worden op darmkanker. Dat pleidooi houden Anne van Eggermond (NKI-AvL) en collega’s in de British Journal of Cancer naar aanleiding van een omvangrijke studie met NKR-data. Het idee is om deze mensen tien jaar na de eerste bestraling, maar niet voor de leeftijd van 35 jaar, elke vijf jaar uit te nodigen voor een coloscopie. De onderzoekers wijzen er op dat deze uitkomsten met enig voorbehoud geïnterpreteerd dienen te worden, omdat nog niet exact bekend is hoe groot het risico is op een tweede maligniteit.

Patiënten die eerder zijn behandeld vanwege hodgkinlymfoom hebben een verhoogd risico op het ontwikkelen van tweede, kwaadaardige maligniteiten. Tot dusver zijn er weinig studies gepubliceerd waarin het risico op darmkanker is geëvalueerd na een eerder behandeling voor hodgkinlymfoom. In deze studie is onderzoek gedaan naar de risico’s op het ontwikkelen van darmkanker op lange termijn en specifieke lokalisaties van de darm die samenhangen met bestralingsvelden en chemotherapieën. 

Opzet studie en resultaten 
In een Nederlandse cohort met 5-jaarsoverlevenden van hodgkinlymfoom (n = 3.121) die tussen 1965 en 1995 zijn behandeld, werd de incidentie van darmkanker vergeleken met de incidentie binnen de algemene populatie. De effecten van de behandeling werden gekwantificeerd door middel van Cox-regressieanalyses.

Na een mediane follow-up van 23 jaar ontwikkelden 55 patiënten binnen dit cohort darmkanker. De gestandaardiseerde incidentieratio (SIR) lag 2,4 keer hoger wat resulteerde in zes extra gevallen van darmkanker per 10.000 patiëntjaren. Ook 30 jaar na de behandeling van hodgkinlymfoom was het risico op darmkanker nog steeds verhoogd (SIR: 2,8). De hoogste SIR (6,5) werd gezien bij darmkanker van het colon transversum (15 gevallen per 10.000 patiëntjaren) na zogeheten ‘inverted Y-bestraling’.

Een cumulatieve dosis procarbazine (>4,2 g/m2) hing samen met een 3,3 keer verhoogd risico op darmkanker in vergelijking met behandeling zonder procarbazine. Patiënten die een behandeling kregen met >4,2 g/m2 procarbazine in combinatie met infradiafragmatische radiotherapie, hadden een SIR van 6,8 in vergelijking met patiënten die geen behandeling kregen, wat significant hoger is dan het gezamenlijke effect van de afzonderlijke behandelingen.

Conclusie en aanbevelingen
Anne van Eggermond en collega’s concluderen dat aanvullende surveillance op het ontwikkelen van darmkanker overwogen zou moeten worden bij overlevenden van hodgkinlymfoom die eerder zijn behandeld met 430 Gy infradiafragmatische radiotherapie en een hoge, cumulatieve dosis procarbazine. Ze stellen voor deze ex-patiënten tien jaar na de eerste bestraling, maar niet voor de leeftijd van 35 jaar, elke vijf jaar een coloscopie aan te bieden. 

Dit is, zover bekend, de eerste studie waarin het risico op dikkedarmkanker is geëvalueerd in een groot cohort overlevenden na behandeling van hodgkinlymfoom. Sterke punten zijn onder andere de inclusie van gedetailleerde gegevens over eerdere behandeling van hodgkinlymfoom en de lange, volledige follow-up voor tweede maligniteiten.

Behoedzaam interpreteren 
Ondanks de grote omvang van het cohort was het aantal gevallen van dikkedarmkanker te laag om tot een gedetailleerde beoordeling te komen over de samenhang tussen een eerdere behandeling van hodgkinlymfoom en het daaropvolgend risico op het ontwikkelen van darmkanker. Ook ontbrak informatie over gemeenschappelijke risicofactoren, zoals erfelijke factoren van darmkanker. Daarom dienen deze bevindingen behoedzaam geïnterpreteerd te worden, aldus de auteurs.

Aan deze studie werkten mee onderzoekers en oncologen van de volgende instellingen: AvL-NKI Amsterdam, IKNL, Erasmus MC, LUMC Leiden, VUmc Amsterdam, Radboudumc Nijmegen, Emma Kinderziekenhuis Amsterdam en University of Copenhagen. 
 

  • Van Eggermond AM, Schaapveld M, Janus CP, de Boer JP, Krol AD, Zijlstra JM, van der Maazen RW, Kremer LC, van Leerdam ME, Louwman MW, Visser O, De Bruin ML, Aleman BM en van Leeuwen FE: ‘Infradiaphragmatic irradiation and high procarbazine doses increase colorectal cancer risk in Hodgkin lymphoma survivors’. Br J Cancer. 2017 Jul 25; 117(3):306-314.

  • Meer informatie over deze publicatie is verkrijgbaar via bibliotheek@iknl.nl  

Gerelateerd

Gastroscopie na positieve FIT-uitslag en negatieve coloscopie niet aanbevolen

Het standaard uitvoeren van een gastroscopie wordt niet aanbevolen bij deelnemers aan het bevolkingsonderzoek naar dikkedarmkanker met een positieve FIT-uitslag en een negatieve coloscopie. Uit onderzoek van Manon van der Vlugt (AMC) en collega’s blijkt namelijk dat minder dan 1% van de personen met een positieve FIT-uitslag binnen drie jaar een orale of upper GI-kanker ontwikkelen. Een routinematige gastroscopie wordt mede ontraden, omdat deze het risico op complicaties mogelijk kan vergroten. Zover bekend is dit de eerste studie, waarin onderzoek is gedaan naar het ontwikkelen van kanker in de mondholte, keel, slokdarm, maag en dunnedarm na deelname aan een screeningsprogramma naar dikkedarmkanker. 

lees verder

Inzicht in medicatie-uitgiftes ouderen in jaar vóór diagnose dikkedarmkanker

Het percentage ouderen dat een of meer medicatie-uitgiftes ontvangt gedurende het hele jaar voor de diagnose dikkedarmkanker, is hoger vergeleken met een controlegroep zonder kanker met vergelijkbare leeftijd en geslacht. Dit aandeel neemt verder toe tijdens de laatste drie maanden voorafgaand aan de kankerdiagnose, zo blijkt uit onderzoek van Felice van Erning (IKNL) en collega’s van onder meer MMC en PHARMO Institute. Het verhoogde medicatiegebruik bij ‘toekomstige’ patiënten is voornamelijk gerelateerd aan comorbiditeit(en), terwijl de medicatie-uitgiftes in de laatste maanden voor de kankerdiagnose voornamelijk gerelateerd lijken te zijn aan (symptoombestrijding van) dikkedarmkanker.

lees verder