Kankergerelateerde vermoeidheid: rekening houden met klassen en subtypen

Patiënten die behandeld zijn vanwege kanker hebben vaak last van vermoeidheid. Uit onderzoek van Melissa Thong (AMC) en collega’s blijkt dat kankergerelateerde vermoeidheid ingedeeld kan worden in drie klassen met specifieke kenmerken. Dit betekent volgens de onderzoekers dat bij toekomstige interventies rekening gehouden dient te worden met deze subtypen kankergerelateerde vermoeidheid. Eerst is echter aanvullend onderzoek nodig om te kijken of de geïdentificeerde subtypen stabiel blijven of wijzigen tijdens de follow-up, omdat veranderingen gevolgen kunnen hebben voor de ontwikkeling van interventies. 

Er is tot dusver weinig onderzoek gedaan naar het identificeren van subtypen van kankergerelateerde vermoeidheid en classificatie van overeenkomstige overlevenden. In deze studie is er naar gestreefd om diverse kankergerelateerde vermoeidheidssubtypen te identificeren en om factoren te onderzoeken die samenhangen met subtypen van kankergerelateerde vermoeidheid.

Multidimensionale vragenlijst 
Patiënten in Noord-Brabant en Noord-Limburg die tussen 2000 en 2009 de diagnose dikkedarmkanker stadium I-III kregen, ontvingen via hun medisch specialist een uitnodiging voor het invullen van een vragenlijst over vermoeidheid (Multidimensional Fatigue Inventory), angst, verminderde positieve invloed op het ervaren van geluk (anhedonia), slaapkwaliteit en leefstijlfactoren (body mass index en fysieke activiteit).  

De subtypes kankergerelateerde vermoeidheid werden afgeleid door middel van latente klassenanalyses. Vervolgens bepaalden de onderzoekers met multinomiale logistieke regressieanalyse de factoren die samenhangen met de subtypen kankergerelateerde vermoeidheid. De vragenlijsten werden aangeboden via PROFILES, het digitale patiëntenvolgsysteem dat IKNL in samenwerking met de Universiteit van Tilburg heeft ontwikkeld. 

Drie klassen kankergerelateerde vermoeidheid De onderzoekers identificeerden drie klassen kankergerelateerde vermoeidheid binnen de onderzochte groep patiënten:  

  • klasse 1 (geen vermoeidheid en psychologische nood, n = 644, 56%)

  • klasse 2 (lage vermoeidheid en matige nood, n = 256, 22%)

  • klasse 3 (hoge vermoeidheid en matige nood, n = 256, 22%)

Uit de multinomiale logistieke regressieanalyse kwam naar voren dat overlevenden in klasse 3 vaker vrouw zijn, radiotherapie kregen, diabetes mellitus als bijkomende ziekte hadden en vaker te maken hadden met overgewicht / zwaarlijvigheid in vergelijking met overlevenden in klasse 1 (referentie). Overlevenden in de klassen 2 en 3 hadden verder meer kans op een comorbide hartconditie, rapporteerden een slechtere slaapkwaliteit en anhedonia en hadden meer last van angstsymptomen in vergelijking met overlevenden in klasse 1.  

Hoewel overlevenden in klasse 2 en 3 worden gekenmerkt door anhedonia en angstsymptomen, suggereert de lagere mate van vermoeidheid van overlevenden in klasse 2 dat deze groep waarschijnlijk eerder depressief dan vermoeid is. Symptomen zoals een slechtere slaapkwaliteit, angst en depressie komen vaak voor onder kankeroverlevenden. Dit duidt op een gemeenschappelijk biologisch mechanisme voor deze symptomen. Meer dan de helft van de overlevenden in klasse 1 had géén problemen met vermoeidheid of afname van activiteiten en motivatie. 

Conclusies en aanbevelingen 
Melissa Thong en collega’s concluderen aan de hand van de uitkomsten van deze studie dat er drie klassen van kankergerelateerde vermoeidheid zijn geïdentificeerd die onderverdeeld kunnen worden in slaapkwaliteit, angst, anhedonia en leefstijlfactoren. De identificatie van deze subtypen van kankergerelateerde vermoeidheid met uiteenlopende kenmerken betekent volgens de onderzoekers dat interventies gericht zouden moeten zijn op specifieke subtypen van kankergerelateerde vermoeidheid. Longitudinale studies moeten uitwijzen of de geïdentificeerde subtypen stabiel blijven of veranderen tijdens de follow-up, aangezien dit gevolgen kan hebben voor de ontwikkeling van interventies. 

De onderzoekers merken op dat de uitkomsten van dit onderzoek voorzichtig geïnterpreteerd dienen te worden, vanwege een aantal beperkingen, zoals de cross-sectionele opzet van deze studie. Daarnaast zijn de uitkomsten niet vergelijkbaar met eerder onderzoek, omdat dit de eerste studie is naar subtypen van kankergerelateerde vermoeidheid en bijbehorende variabelen. Toekomstig onderzoek met verschillende vragenlijsten en recent gediagnosticeerde kankerpatiënten kan bijdragen aan het bevestigen van deze bevindingen. 

Aan deze studie werkten mee onderzoekers en specialisten van het AMC, IKNL, Tilburg Universiteit (CoRPS), NKI-AvL, Erasmus MC, Thomas Jefferson University (Philadelphia), Vumc en Radboudumc.
 

  • Thong MSY, Mols F, van de Poll-Franse LV, Sprangers MAG, van der Rijt CCD, Barsevick AM, Knoop H, Husson O: ‘Identifying the subtypes of cancer-related fatigue: results from the population-based PROFILES registry’. J Cancer Surviv. 2017 Sep 9.

  • Meer informatie over deze publicatie is verkrijgbaar via bibliotheek@iknl.nl  

Gerelateerd

Groeifonds investeert 325 miljoen euro in Oncode-PACT om ontwikkeling kankermedicijnen te versnellen

Oncode-PACT

Utrecht, 14 april 2022 - Het Nationaal Groeifonds investeert in totaal 325 miljoen euro in het plan van Oncode-PACT om het preklinische ontwikkelproces van kankermedicijnen te versnellen. Dit is zojuist bekend gemaakt tijdens de persconferentie van Jeroen Dijsselbloem, voorzitter van de Commissie van het Nationaal Groeifonds. De commissie adviseert om het gehele bedrag toe te kennen, waarvan 161 miljoen euro direct en een  voorwaardelijke toekenning van 164 miljoen euro. Oncode-PACT gaat met deze financiering waardevolle kandidaat-kankermedicijnen sneller en goedkoper ontwikkelen en zo eerder bij patiënten brengen. Dit verbetert de kwaliteit van het leven van kankerpatiënten en versterkt het toekomstige economische verdienvermogen van Nederland. IKNL is als partner bij Oncode-PACT betrokken.

lees verder

Samen beslissen over adjuvante chemotherapie bij stadium II en III darmkanker

Kwaliteit van leven bij adjuvante chemotherapie

De kwaliteit van leven is bij stadium II en III darmkankerpatiënten met adjuvante chemotherapie iets lager (0,04 op de Health Utility schaal) dan bij stadium II en III darmkankerpatiënten die geen adjuvante chemotherapie kregen na operatie. Het is één van de uitkomsten van het kosteneffectiviteitsonderzoek naar de behandeling van darmkankerpatiënten van Gabrielle Jongeneel, dat januari 2021 is gepubliceerd in The International Journal of Cancer.

lees verder