COVID-19 en kanker van de vrouwelijke geslachtsorganen

In het najaar van 2020 en in 2021 heeft een inhaalslag plaatsgevonden in het aantal kankerdiagnoses, waarmee het lagere aantal diagnoses door de COVID-19 pandemie in het voorjaar van 2020 deels is ingehaald. De daling was bij kanker van de vrouwelijke geslachtsorganen iets kleiner dan bij veel andere vormen van kanker maar bedroeg in april 2020 bijna 30%. Na mei 2020 is het aantal diagnoses weer gestegen. Dit blijkt uit voorlopige cijfers van de Nederlandse Kankerregistratie op basis van diagnoses in de landelijke pathologiedatabase (PALGA). 

Het aantal nieuwe tumordiagnoses daalde tijdens de eerste coronagolf ten opzichte van de jaren 2017-2019. In maart 2020 werden er rond de 15% minder diagnoses gesteld, in april 2020 rond de 30% en in mei van dat jaar rond de 20%. De daling in het aantal diagnoses was het grootst bij kanker van de schaamlippen, gevolgd door kanker van baarmoederhals en -lichaam. Bij kanker van de eierstokken was de daling minder groot.

De daling in het aantal tumordiagnoses hangt mogelijk samen met het feit dat patiƫnten met minder ernstige klachten, zoals een afwijkend plekje op de schaamlippen of vaginaal bloedverlies, bezoek aan de huisarts hebben uitgesteld. Ook is het mogelijk dat huisartsen op het hoogtepunt van de eerste golf van de COVID-19-crisis hebben gewacht met een doorverwijzing naar het ziekenhuis. Hoewel klachten bij eierstokkanker vaak pas laat in het ziektebeloop optreden zijn die meestal toch zo ernstig van aard, dat vrouwen met deze klachten zich mogelijk niet gehinderd hebben gevoeld om medische hulp voor deze klachten te zoeken.

Vanaf de zomermaanden in 2020 is het aantal diagnoses hoger dan normaal, wat betekent dat een deel van de uitgestelde diagnoses uit de periode maart-mei 2020 met enige vertraging alsnog gesteld is. Op basis van deze cijfers kan worden verwacht dat ontstane achterstand bij het stellen van de diagnose van kanker van de vrouwelijke geslachtsorganen tijdens de eerste coronagolf ingelopen is. 

Het aantal diagnoses van baarmoederhalskanker was tijdens de eerste coronagolf (voorjaar 2021) iets lager, daarna trad weer herstel op, Momenteel lijkt het aantal diagnoses iets hoger te liggen dan het gemiddelde van 2017-2019, al kan dit op maandbasis fluctueren. Jaarlijks krijgen rond de 800 vrouwen de diagnose baarmoederhalskanker, door dit aantal kan het aantal maandelijkse diagnoses variĆ«ren. Ook zijn de cijfers op basis van voorlopige diagnoses en kunnen deze nog gecorrigeerd worden.  

Het aantal vrouwen dat de diagnose baarmoederlichaamkanker kreeg steeg vanaf februari ten opzichte van 2017-2019, in mei lijkt het aantal diagnoses weer iets lager te liggen. Jaarlijks krijgen ongeveer 2000 vrouwen de diagnose en dat aantal kan maandelijks verschillen. Bij eierstokken-, eileider- was het aantal diagnoses begin 2021 ongeveer gelijk aan de jaren 2017-2019. Bij schaamlippenkanker is in het voorjaar van 2021 een grote afname van het aantal diagnoses te zien, terwijl in juni een grote piek is. Daar dit een kankersoort is die minder vaak voorkomt, kan het aantal diagnoses maandelijks fluctueren.