vrouw houd papieren representatie van darmen voor buik

Ook bij darmkanker betere gezondheidsuitkomsten bij hogere sociaaleconomische positie

Patiënten met darmkanker met een hogere sociaaleconomische positie (SEP) krijgen vaker een tumorgerichte behandeling, vaker een minder invasieve behandeling en hebben betere overlevingsuitkomsten dan patiënten met een lagere SEP. Ook krijgen patiënten met een hogere SEP vaker hun diagnose via het bevolkingsonderzoek (bvo). Zo blijkt uit drie studies van onderzoekers van IKNL, RadboudUMC, NKI en het Catharina Ziekenhuis. Op basis van data uit de Nederlandse Kankerregistratie bekeken zij of en welke verschillen te zien waren bij patiënten met niet-uitgezaaide dikkedarmkanker, niet-uitgezaaide endeldarmkanker en uitgezaaide darmkanker op basis van SEP.

Studies in het kort

De onderzoekers analyseerden data uit de Nederlandse Kankerregistratie van patiënten met darmkanker die tussen 2015 en 2023 zijn gediagnosticeerd. Zij gebruikten sociaaleconomische positie (SEP) als overkoepelend begrip voor verschillen tussen patiënten, waarbij inkomen op postcodeniveau als praktische maat is gebruikt.

Niet-uitgezaaide darmkanker (stadium I-III)

Zowel bij endeldarmkanker als bij dikkedarmkanker verklaren verschillen in bijkomende ziekten (comorbiditeiten) en body mass index een deel van de verschillen tussen de inkomensgroepen. Na correctie voor verschillen in patiënt-, tumor- en behandelkarakteristieken, was de relatieve overleving nog steeds gunstiger voor patiënten in de hogere inkomensgroep ten opzichte van de lagere inkomensgroep.

Uitgezaaide darmkanker (stadium IV)

Patiënten uit de hogere inkomensgroep kregen vaker een behandeling met doublet- of tripletchemotherapie, terwijl patiënten uit de lagere inkomensgroep vaker monotherapie kregen. Patiënten uit de hogere inkomensgroep kregen ook vaker doelgerichte therapie.

Verschillen verkleinen vraagt zorgoverstijgende aanpak

De studies laten zien dat sociaaleconomische verschillen doorwerken in alle fasen van de zorg voor darmkanker: van opsporing en diagnose tot behandeling en overleving. Het verkleinen van deze verschillen vraagt om een gerichte aanpak, die de zorg overstijgt. Naast gerichte patiëntenvoorlichting en beleid is het belangrijk om de sociale en fysieke omgeving te verbeteren en belemmeringen, zoals financiële drempels, weg te nemen.

Belang van darmkankerpreventie

De onderzoekers benadrukken het onverminderde belang van preventie, juist ook bij darmkanker. Dat vraagt om preventiebeleid op meerdere niveaus:

  • Primaire preventie: beleid op het stimuleren van een gezonde leefstijl, met aandacht voor sociaaleconomische barrières
  • Secundaire preventie: zorgen dat meer mensen zich verdiepen in deelname aan het bevolkingsonderzoek, met name in groepen met een lagere SEP, zodat meer mensen een weloverwogen keuze maken
  • Tertiaire preventie: zorg op maat voor iedereen, ongeacht sociaaleconomische achtergrond

Handvatten voor zorgverleners

In de spreekkamer zelf valt ook winst te behalen. Zorgverleners kunnen bijdragen aan het verkleinen van verschillen tussen sociaaleconomische groepen door:

  • actief in te zetten op persoonsgerichte zorg en samen beslissen;
  • complexe informatie te vertalen naar begrijpelijke taal en te beperken tot enkele kernboodschappen;
  • de terugvraagmethode te gebruiken om te controleren of patiënten informatie goed begrijpen;
  • behandelkeuzes samen met de patiënt te evalueren, zowel vóór als tijdens de behandeling;
  • en aandacht te besteden aan leefstijl en eventuele belemmeringen, en waar nodig te verwijzen naar passende ondersteuning.

Door het versterken van gezondheidsvaardigheden en het ondersteunen van gezamenlijke besluitvorming kunnen patiënten beter hun eigen keuzes maken en krijgen zij zorg die beter aansluit bij hun situatie.

Over de studies naar darmkanker en SEP

De relatie tussen sociaaleconomische positie en gezondheid is al langer bekend. Dit onderzoek bouwt voort op het drieluik van IKNL naar de relatie tussen sociaaleconomische positie en kanker. In drie afzonderlijke, verdiepende studies bekeken onderzoekers de relatie tussen SEP en respectievelijk de diagnose via het bevolkingsonderzoek, de behandeling en de overleving bij patiënten dikkedarm- en endeldarmkanker.

Patiëntpopulatie

Voor deze studies selecteerden onderzoekers patiënten die tussen 2015 en 2023 de diagnose dikkedarm- of endeldarmkanker kregen en werden opgenomen in de Nederlandse Kankerregistratie (NKR). Dit waren 62.412 patiënten met dikkedarmkanker en 25.995 met endeldarmkanker in stadium I-III, en 24.666 patiënten met darmkanker (dikkedarm- en endeldarmkanker) in stadium IV. De data zijn gekoppeld aan de database van Palga om vast te stellen of de diagnose via deelname aan het bevolkingsonderzoek of via klinische detectie plaatsvond.

Inkomen als maat voor SEP

In alle studies gebruikten onderzoekers inkomen als maat voor SEP, gebaseerd op het mediaan besteedbare huishoudinkomen per postcodegebied. Dit is dezelfde methode als die gebruikt wordt in het drieluik over kanker en SEP dat IKNL in 2023 publiceerde. Patiënten zijn ingedeeld in drie groepen: een lagere, middelste en hogere inkomensgroep. Patiënten in de lagere inkomensgroep waren gemiddeld ouder, vaker vrouw en hadden een slechtere performance status.

Meer informatie

Voor meer informatie over deze onderzoeken, neem contact op met Felice van Erning of Marloes Elferink, senior onderzoekers bij IKNL. Vraag de wetenschappelijke artikelen in hun volledigheid op via bibliotheek@iknl.nl, of lees de artikelen online:

Gerelateerd nieuws

Real-world data en biomarkers geven richting voor gepersonaliseerde darmkankerzorg

decoratieve afbeelding: voorkant proefschrift Ingrid Franken tegen blauwe achtergrond Hoe kunnen we de zorg voor patiënten met niet-uitgezaaide darmkanker meer personaliseren? Dit onderzocht Ingrid Franken (UMC Utrecht) met real-world data uit de Nederlandse Kankerregistratie (NKR) en biomarkeronderzoek op basis van PLCRC. De resultaten uit haar onderzoek helpen beter te voorspellen welke patiënten met stadium II/III dikkedarm- of endeldarmkanker baat hebben bij aanvullende chemotherapie; welke patiënten overbehandeling bespaard kan worden; en voor welke patiënten de behandeling juist ontoereikend is. lees verder

Slechts twee glazen alcohol minder per week voorkomt ruim 11.500 kankerdiagnoses tot 2050

hand op wijnglas Eén op de twee Nederlanders krijgt in de loop van het leven de diagnose kanker. Door gezond te leven wordt het risico op kanker kleiner. Verschillende soorten kanker worden namelijk veroorzaakt door een ongezonde leefstijl, waaronder het drinken van alcohol. lees verder