OPTIMUM-studie: leefstijlbevordering bij postmenopauzale borstkankerpatiënten

30-10-2018
Postmenopauzale vrouwen die behandeld zijn voor borstkanker hebben betere gezondheidsgerelateerde vooruitzichten, wanneer zij voldoen aan aanbevelingen voor een gezond lichaamsgewicht en een gezonde leefstijl. Echter, de meeste van deze vrouwen voldoen in de praktijk niet aan deze aanbevelingen. Om beter inzicht te krijgen hoe en wanneer deze vrouwen het beste ondersteund kunnen worden bij herstel en handhaven van een gezond gewicht en gezonde leefstijl, is dinsdag 9 oktober 2018 de OPTIMUM-studie van start gegaan. De studie is een initiatief van Tilburg University, Vrije Universiteit Amsterdam, IKNL en verschillende ziekenhuizen. De studie is mede mogelijk dankzij een subsidie van KWF Kankerbestrijding.

Tot dusver ontbreekt wetenschappelijk inzicht wanneer en op welke wijze een duurzame leefstijlverandering het beste kan worden bereikt. Met de uitkomsten van OPTIMUM-studie, een acroniem voor 'Towards OPtimal Timing and Method for promoting sUstained adherence to lifestyle and bodyweight recommendations in postMenopausal breast cancer patients', verwachten de onderzoekers meer inzicht te kunnen geven wat het optimale moment en optimale methode is voor het bevorderen van een duurzame leefstijl en behouden van een gezond lichaamsgewicht bij postmenopauzale vrouwen die behandeld zijn voor borstkanker. Dat inzicht is belangrijk om recidieven en andere maligniteiten te voorkomen.

Risicofactoren
Het risico op het ontwikkelen van een maligniteit bij postmenopauzale vrouwen na borstkanker hangt samen met te weinig beweging, consumptie van alcohol en toename van lichaamsgewicht en lichaamsvet. Bij een stijging van het lichaamsvet met 5 kg/m2 stijgt het risico op het krijgen van postmenopauzale borstkanker met circa 8% tot 13%. Bovendien lopen vrouwen met een suboptimale leefstijl en lichaamsgewicht en een twee tot vijf keer zo hoog risico op het ontwikkelen van tweede, primaire kankers. Ook hebben overlevenden een groter risico op het krijgen van diabetes mellitus type Il, cardiovasculaire ziekten en een grotere kans om vroegtijdig te overlijden.

Het World Cancer Research Fund (WCRF) heeft richtlijnen opgesteld om deze risico's te verminderen en de gezondheidsgerelateerde kwaliteit van leven te verhogen, zoals aanbevelingen voor een gezonde leefstijl en het voorkomen van gewichtstoename. Het bevorderen van de naleving van deze aanbevelingen is momenteel niet structureel ingebed in de Nederlandse richtlijnen voor (ex-)patiënten met borstkanker, zo blijkt uit vooronderzoek. Onderzoeker Sandra van Cappellen (Tilburg University, CoRPS): “In de OPTIMUM-studie staat de vraag centraal hoe we postmenopauzale vrouwen die zijn behandeld voor borstkanker het beste kunnen begeleiden en ondersteunen bij het volgen van aanbevelingen en het herstellen en langdurig behouden van een gezonde leefstijl en een gezond lichaamsgewicht.”

WCRF-richtlijnen WCRF_volg_de_kleuren

Germund Daal (hoofd voorlichting WCRF) gaf tijdens de kick-off een toelichting op de vernieuwde richtlijnen van het World Cancer Research Fund International voor een gezonde leefstijl en een gezond lichaamsgewicht. Het wetenschappelijk bewijs van deze richtlijnen zijn in detail per kankersoort uitgewerkt in het ‘Third Expert Report’ (rapport en samenvatting). Het WCRF heeft ook een handzaam boekje uitgebracht met een beknopte beschrijving van de tien richtlijnen voor een gezonde leefstijl en gezond lichaamsgewicht.

Germund Daal benadrukte dat voedingsstoffen beter opgenomen kunnen worden uit gezonde voeding, zoals groenten, fruit en volkorenproducten en niet te vertrouwen op voedingssupplementen voor het verlagen van het risico op kanker. Verder adviseert het WCRF géén alcohol te drinken en bekende aanbevelingen te volgen zoals stoppen met roken en verstandig zonnen. De vernieuwde WCRF-richtlijnen worden toegelicht met behulp van het ‘verkeerslichtmodel’. Ná de diagnose kanker geldt: volg de kleuren van het verkeerslichtmodel én de aanbevelingen van de behandeld arts. Ook op de recent van IKNL overgenomen website voeding&kanker.info staan allerlei praktische adviezen en tips voor (ex-)patiënten.

Opzet OPTIMUM-studie
De OPTIMUM-studie maakt gebruik van een mix aan methodieken, waaronder kwantitatief onderzoek (longitudinale observationele studie) en kwalitatief onderzoek (interviews en focusgroepen). Daarmee verwachten de onderzoekers meer inzicht te krijgen in de optimale timing en methoden voor het stimuleren, behouden en herstel van een gezond lichaamsgewicht en gezonde leefstijl. De onderzoekspopulatie bestaat uit postmenopauzale overlevenden van borstkanker die geselecteerd worden op basis van gegevens uit de Nederlandse Kankerregistratie (NKR).

V
rouwen die aan de selectiecriteria voldoen krijgen vervolgens, afhankelijk van het deelnemende ziekenhuis, een uitnodiging via hun behandeld arts, onderzoeksverpleegkundige of een casemanager. Na instemming krijgen de deelnemers bij aanvang het verzoek om een vragenlijst in te vullen en vervolgens nogmaals na één jaar en na twee jaar. Deze vragenlijsten bevatten vragen over onder andere het naleven van de WCRF-aanbevelingen over voeding, lichaamsbeweging, lichaamsgewicht, roken en alcoholgebruik. Naast het bijhouden van het voedingsdagboekje krijgen de deelnemers ook een uitnodiging voor een diepte-interview of deelname aan een focusgroep. 

OPTIMUM-studie_onderzoekers_670
De groep onderzoekers die betrokken zijn bij de OPTIMUM-studie kwamen op 9 oktober bijeen in Tilburg University voor de ‘kick-off’. De studie loopt tot voorjaar 2022.

Parameters en eindpunten
De belangrijkste parameters en eindpunten van de studie zijn het naleven van de WCRF-aanbevelingen voor een gezonde leefstijl en een gezond lichaamsgewicht aan de hand van vragenlijsten, een accelerometer en een voedingsdagboekje. Ook wordt nagegaan of het advies om minimaal zeven uur per nacht te slapen wordt nageleefd. De nulmeting (situatie vóór diagnose en behandeling van kanker) zal retrospectief worden onderzocht bij aanvang van de studie. Ook worden metingen uitgevoerd naar vermoeidheid, gezondheidsgerelateerde kwaliteit van leven, symptomen van depressie en angst, posttraumatische groei, zelfmededogen en omgaan met emoties. Daarnaast krijgen de deelnemers twee keer het verzoek om een bloedmonster te doneren. De bloedafname vindt plaats in het ziekenhuis.

Bottom-up aanpak
Een opvallend element is dat de onderzoekers kiezen voor een ‘bottom-up’ benadering, waarbij wetenschappelijk bewijs wordt verzameld met observationeel onderzoek in plaats van het toetsen van complexe interventies. Door het grote aantal verwachtte participanten en verscheidenheid aan participanten verwachten de onderzoekers een volledig en representatief beeld te krijgen van de ervaringen, gedachten en meningen van patiënten met betrekking tot optimale leefstijlzorg.

Naast interviews met patiënten worden er ook gesprekken met oncologieprofessionals en andere relevante belanghebbenden gehouden om ‘facilitatoren en barrières’ te identificeren die bij kunnen dragen aan het bevorderen van een gezonde leefstijl binnen de klinische zorg. Het einddoel is beter inzicht te geven welke interventies het meest succesvol zijn bij deze patiëntengroep en deze kennis beschikbaar te stellen voor de verdere ontwikkeling van concrete producten, zoals oncologische richtlijnen, voor de klinische praktijk. De studie loopt tot voorjaar 2022 en is mede mogelijk dankzij een subsidie van KWF kankerbestrijding.

Deelnemende ziekenhuizen
Inmiddels hebben zich negen ziekenhuizen aangemeld om patiënten te includeren voor de OPTIMUM-studie. De onderzoekers zijn verder nog in gesprek met een aantal andere ziekenhuizen. Centra die interesse hebben om hun patiënten deel te laten nemen aan de studie, kunnen contact opnemen met het onderzoeksteam via info@profielstudie.nl of tel: 088-234 6803.

  • Meer informatie over de OPTIMUM-studie is verkrijgbaar bij de volgende hoofdonderzoekers: dr. Meeke Hoedjes, dr. Floortje Mols of Sandra van Cappellen (allen Tilburg University - CoRPS), prof. dr. Lonneke van de Poll-Franse (IKNL) en prof. dr. ir. Jaap Seidell (Vrije Universiteit Amsterdam).
OPTIMUM-studie

volg ons: